Omschrijving van de kosten
Personen die gedwongen zijn opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis zijn rechtens van hun vrijheid beroofd en daarom hebben zij geen recht op bijstand. De kosten van verblijf worden betaald op grond van de Zorgverzekeringswet of de Wet langdurige zorg. Aangezien zij geen recht op bijstand hebben, hebben zij voor de persoonlijke uitgaven en de premie zorgverzekering geen geld. In de P-wet (artikel 13 lid 3, tweede zin) is voor de verstrekking van bijzondere bijstand een uitzondering gemaakt. Daarop bestaat wel recht.
Voorliggende voorzieningen
Er is geen voorliggende voorziening voor personen van 21 jaar en ouder.
Voor personen van jonger dan 21 jaar, zijn de ouders onderhoudsplichtig (zie hiervoor 3.1 en 3.2 van dit hoofdstuk)
Recht op bijzondere bijstand
Aangezien de situatie vergelijkbaar is met personen die in een inrichting verblijven, is de hoogte van de bijstand gelijk aan de normen genoemd in artikel 23 van de P-wet. Voor personen van 18 tot en met 20 jaar is de hoogte van de bijstand gelijk aan de normen genoemd in artikel 20 lid 1 onder 1 en 2. De bedragen worden aangevuld met de toeslag voor de premie zorgverzekering minus de zorgtoeslag (artikel 23 lid 2 van de P-wet).
Vorm bijzondere bijstand
De bijzondere bijstand voor levensonderhoud wordt om niet verleend en kan voor de jongeren verhaald worden op de ouders. Zie wat dat betreft “3.2 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 die in een inrichting verblijven”.
HOOFDSTUK 3
Artikel 3.3
Bijstand voor personen opgenomen op grond van de Wet BOPZ ((Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen) of de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten
Onderdeel van Handboek Bijzondere Bijstand Schagen 2019