Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 5

Artikel 5.5

Abonnement Wonen Plus Welzijn

Onderdeel van Handboek Bijzondere Bijstand Schagen 2019

Recht op bijzondere bijstand De kosten van het abonnement worden vergoed. Noodzakelijke bewijsstukken voor beoordeling noodzaak van kosten De nota of afschrijving op een afschrift van de bank. Hoogte, duur en betaling bijzondere bijstand De hoogte is gelijk aan de kosten.. De bijstand wordt per maand betaald. In combinatie met het heronderzoek wordt onderzocht of voortzetting noodzakelijk is. Vorm bijzondere bijstand De bijzondere bijstand wordt om niet verleend. Verplichtingen voor aanvrager bij toekenning van de bijstand (alleen bij periodieke bijstand) Wijzigingen die van invloed zijn op de bijstand moeten worden doorgegeven aan de gemeente. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2011 en 2012 Per 15 oktober 2014 is paragraaf 5.7 Bijstand voor verplicht eigen risico zorgverzekering 2014 toegevoegd. 1 Aanleiding Reden voor aanpassing van Handboek kort omschreven. 2.2 Categoriale bijzondere bijstand Voorgeschreven inkomensgrens opgenomen. Verplichting verordening Participatie schoolgaande kinderen opgenomen 2.8 Reservering Kleine tekstuele aanpassingen 2.11 Het inkomen boven de bijstandsnorm Draagkrachtregel gewijzigd (zie advies- wordt: tot 110% geen draagkracht, van het meerdere is 35% draagkracht) Computer wordt verstrekt bij een inkomen tot 110% van de bijstand. Dit in verband met verstrekking in natura. Inkomensnorm categoriale bijzondere bijstand opgenomen 2.12 Vaststelling bijstandsnorm voor vergelijking met inkomen “Echtparen” vervangen door gezinnen 2.13 Vaststelling inkomen Vrijlating inkomsten op grond van de Wwb apart benoemd, omdat het nieuw is per 1 januari 2012. De vrijlating telt niet als inkomen. Kleine nuancering bij WSNP-schuldsaneringsregeling. Er stond “aan de bijstand wordt de verplichting verbonden om vrij te laten bedrag opnieuw te laten vaststellen”. “Wordt” is vervangen door “kan”. 2.14 De periode waarover rekening gehouden wordt met de draagkracht Tekstueel verbeterd. 2.16 Vermogen Tekst geactualiseerd 3.1 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar, zelfstandig wonend Dit beleid kan inhoudelijk worden voortgezet. De tekst is aangepast in verband met intrekking van de Wij. Bij de hoogte van bijstand is rekening gehouden met de nieuwe normen. 3.2 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar in een inrichting De hoogte van de bijstand aangepast aan nieuwe normen. Toeslag voor nominale premie toegevoegd. Dit was per vergissing niet opgenomen. 3.3 Bijstand voor personen opgenomen op grond van de Wet BOPZ ((Wet bijzondereopnemingen psychiatrische ziekenhuizen) Hoogte van de bijstand aangepast aan nieuwe normen Voor jongeren onderhoudsplicht ouders opgenomen onder voorliggende voorziening. Stond er per ongeluk niet. 3.5 Garantietoeslag voormalig alleenstaande ouder (Titel wijzigen in: Aanvullende bijstand op de gezinsnormen waarvan één persoon 18, 19 en 20 is en de ander(en) 21 jaar of ouder) De toeslag is niet langer toegestaan in de oude vorm, omdat er voor de specifieke situatie dat er een jongere inwonend is, een specifieke norm is. De jongere behoort nu – in tegenstelling tot voor 1 januari 2012 - tot het gezin en dat heeft de nodige gevolgen (zie bijlage 2 bij dit advies). De hoogte van de norm is laag, omdat er van wordt uitgegaan dat de onderhoudsplichtige bijdraagt tot de norm voor een gezin waarvan beiden 21 jaar of ouder zijn. 3.7 Bijstand voor kosten bij bewoning eigen woning Onder verplichtingen aanvrager toegevoegd dat de voorlopige aanslag (in geval van teruggave belastingen achteraf) voor 1 juli na het belastingjaar moet worden ingeleverd. 3.10 Kosten kinderopvang (sociaal medische indicatie) Omschrijving “hoogte van de bijzondere bijstand” gewijzigd, omdat dit niet duidelijk was voor de consulenten. Berekeningswijze aangepast in verband met vergoeding van de eigen bijdrage op grond van de bijzondere bijstand. 3.11 Kosten peuterspeelzaal Vergoeding van de kosten kan komen te vervallen in verband met de wet OKE. Op grond van een indicatie Voor- en vroegschoolse opvang zijn ouders een lage bijdrage verschuldigd voor de kosten van de peuterspeelzaal. Deze bijdrage is lager dan de prijs voor twee dagdelen. Op de bladzijde moet nog info opgenomen worden over de wijze van uitvering van de wet OKE door de aangesloten gemeenten. Schagen is bekend. Harenkarspel en Zijpe moet ik nog navragen. 3.14 Reiskosten in verband met medische behandelingen en bezoek gezinsleden Vergoeding voor bezoek aan ernstig zieke kinderen en de vergoeding voor zittend ziekenvervoer is per 01-01-2012 veranderd. Dit is opgenomen als voorliggende voorziening. 3. 15 Reiskosten in verband met re-integratie en participatie Het DB heeft op 2 februari besloten dat de reiskosten weer volledig vergoed worden en betaald worden als bijzondere bijstand. 3. 16 Vervoersvoorzieningen in verband met re-integratie en participatie Het DB heeft op 2 februari besloten dat er auto’s, scooters en brommers vergoed worden als het echt nodig is om werk te kunnen krijgen. De kosten worden vergoed uit de bijzondere bijstand. 3 .17 Kosten uit huis geplaatste kinderen (titel luidde: Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) Nieuwe titel dekt de lading beter. 3.18 Kosten in verband met inburgering (Vergoeding eigen bijdrage kinderopvang afhankelijk van besluit DB) Reiskosten worden vanaf 1 maart 2012 weer volledig vergoed. Dat is nu opgenomen in 3.15. De eigen bijdrage kinderopvang is opgenomen en de nieuwe paragraaf 3.18 (na vernummering 3.18) 3.19 Kosten woninginrichting Levering door Rataplan loopt goed. Cliënten en vrijwilligers van Vluchtelingenwerk zijn tevreden. Afspraken worden goed nagekomen 3.20 Overbruggingsuitkering Kleine tekstuele aanpassing Onder voorliggende voorziening is de Voedselbank opgenomen. 3.21 Broodnoodvoorziening toegevoegd (Tijdens DB van 15-12-2011 vastgesteld) Dit is een voorziening voor jongeren die tijdens de zoektijd van 4 weken geen middelen van bestaan hebben. Ook hier verwijzing Voedselbank opgenomen. 3.22 Bewindvoering, mentor en curatele Bedragen aangepast en enkele tekstuele verbeteringen 3.23 Rechtsbijstand en griffierecht Mogelijkheid van gratis rechtshulp bij het Juridisch Loket opgenomen onder kopje voorliggende voorziening. Als het Juridisch Loket een diagnosedocument afgeeft en daarmee gaat de cliënt naar een advocaat dan wordt de eigen bijdrage rechtshulp met € 50,00 verlaagd. Wij stimuleren het gebruik van het Juridisch Loket wel. 4.1 Algemeen Ook hier grens van 110% opgenomen. Kleine tekstuele verbetering. 4.2 Pluspremie “Bijdrage op grond van de Wtcg” veranderd in “Algemene tegemoetkomingen”. De Wtcg kent meerdere tegemoetkoming en dit heeft in de praktijk tot verwarring geleid. Onder “de kosten” de tekst aangepast. Zaten dubbels in en suggestief taalgebruik. 4.3 Participatie van kinderen Tekst aangepast aan verordening. Wel in Handboek laten staan, omdat het me handig lijkt voor de uitvoering. Bedragen ook aangepast aan verordening. 4.4 Aanvullende Zorgverzekering Gemeenten. Gewijzigd in Univé GemeentePakket Compleet Tekst aangepast aan nieuwe benaming en overeengekomen voordelen. Nieuwe inkomensgrens van 110% opgenomen. Overgangsrecht opgenomen. Deelnemers die op 31 december 2011 waren ingeschreven houden hun recht op deelname gedurende het hele jaar 2012. Deelname is ook mogelijk voor mensen met inkomen tussen 110% en 120%. Die hebben alleen geen recht op de korting op de premie. Maar wel op het extra pakket. 5.1.2 Algemeen De criteria of er wel of geen bijzondere bijstand verstrekt kan worden voor medische kosten, was te strikt. Er stond dat er geen bijstand verstrekt kan worden als de vergoeding vanwege budgettaire redenen niet vergoed wordt op grond van de Zvw. Dat zou beteken dat er geen eigen bijdragen vergoed worden, terwijl dat wel doen en ook mogelijk is. Criteria zijn dus genuanceerd. De gevolgen van het niet of onvoldoende verzekerd zijn, waren niet goed omschreven. Dit is gecorrigeerd. 5.1.7 Eigen bijdragen Eigen bijdrage GGZ opgenomen, omdat dit nieuw is met ingang van 1 januari 2012. Vergoeding voor eigen bijdragen ligt in de lijn van het beleid. Dit is nadrukkelijk besloten bij de evaluatie in 2011. 5.2 Eigen bijdrage hulp in de huishouding Vergoeding van de eigen bijdrage op grond van GemeentePakket Compleet als voorliggende voorziening opgenomen. Voor elders verzekerden blijft bijzondere bijstand mogelijk. 5.5 Pedicure Maximum bedrag aangepast aan tarief van Provoet. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2012 en Handboek bijzondere bijstand na afschaffing huishoudinkomentoets 3.1 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar, zelfstandig wonend De normen die genoemd worden in deze paragraaf aangepast aan veranderde wetgeving. Verwijzing naar 3.5 verwijderd. 3.2 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar in een inrichting De normen die genoemd worden in deze paragraaf aangepast aan veranderde wetgeving. 3.5 Aanvullende bijstand op de gezinsnormen waarvan één persoon 18, 19 en 20 jaar is en de ander(en) 21 jaar of ouder. De gezinsnormen die aangevuld werden zijn komen te vervallen met ingang van de 1 januari 2012 in verband met afschaffing huishoudinkomentoets. De beleidsregel kan daardoor in zijn geheel vervallen. De bestaande beleidsregel was vastgesteld in verband met de huishoudinkomentoets en was in de plaats gekomen van de garantietoeslag voormalig eenoudergezin. Nu de oude regels weer terugkeren is ook de oude regel van de garantietoeslag weer opgenomen. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2014 en 2015 Algemeen WWB is daar waar nodig vervangen door P-wet ISD-KNH is vervangen door gemeente Bestuur is vervangen door college Bewijsstukken indienen met declaratieformulier is verwijderd. De belanghebbende zal de bewijsstukken op zodanige wijze moeten inleveren dat ze herkenbaar zijn. Voor periodieke bijstand moet in de beschikking altijd vermeld worden dat de inlichtingenplicht van toepassing is. 2.2 Categoriale bijzondere bijstand Pluspremie en participatie schoolgaande kinderen verwijderd 2.3 Aantoonbaarheid van kosten In 2015 zal de snelbalie in gebruik worden genomen. Daardoor worden bewijsstukken geminimaliseerd, terwijl nu nog het uitgangspunt is dat alle kosten moeten worden aangetoond. De snelbalie wordt gefaseerd ingevoerd. 2.8 Reservering Langdurigheidstoeslag is vervangen door individuele inkomenstoeslag Percentage is verhoogd naar 105% 2.11 Inkomen boven de bijstandsnorm Op grond van zeer summiere tekst in het Handboek was het de bedoeling dat er bij een inkomen boven de bijstandsnorm rekening gehouden werd met lagere huurtoeslag etc. In de praktijk is dit niet zo uitgevoerd. Nieuwe tekst: Bij de draagkrachtberekening wordt geen rekening gehouden met lagere huurtoeslag etc. als gevolg van het hogere inkomen. Argument: Het deel van het inkomen dat voor vrije besteding blijft bij een inkomen boven de 110% biedt voldoende ruimte. Draagkrachtpercentage voor collectieve zorgverzekering is opgehoogd naar inkomensgrens van 130%. Dit geldt ook voor CER 2014 2.12 Vaststelling inkomen vergelijking met norm Verwijzing naar normen in P-wet opgenomen en Toeslagenverordening verwijderd. 2.13. Vaststelling inkomen De periodieke bijzondere bijstand waarop recht is op 31-12-2014 wordt voor 01-07-2015 aangepast aan kostendelersnorm. De draagkracht kan daardoor veranderen. 2.14 Periode van draagkracht De kolom heronderzoek is verwijderd. Dit wordt opgenomen in het nieuwe Onderzoeksplan 2015 2.16 Vermogen in eigen woning Tekst in tabel verduidelijkt. Vermogensvrijlating op vermogen in eigen woning en vrijlating op het overige vermogen worden afzonderlijk van elkaar toegepast 3.1 Bijstand voor jongeren die zelfstandig wonen 18 tot en met 20 jaar Voor de hoogte van de aanvulling op de jongerennormen is aansluiting gezocht bij norm voor 21 jaar zelfstandig wonend. Door toepassing van de Toeslagenverordening - verlaging uitkering voor jongeren - was de aanvulling lager. Argument een jongere van 18, 19 en 20 jaar heeft zelfde kostenpatroon als een jongere van 21 jaar. 3.5 Garantietoeslag alleenstaande ouder De hoogte van de toeslag was gebaseerd op verschil tussen het "nieuwe" inkomen en het inkomen toen alleenstaande ouder nog de norm voor alleenstaande ouder kreeg. Door Wet hervorming kindregelingen en alo kop op het kindgebonden budget in plaats van norm alleenstaande ouder is de oude manier van werken niet meer bruikbaar. Toeslag is nu aanvulling van het inkomen van het thuiswonende kind van 18 tot 21 jaar tot de norm voor een thuiswonende MBO-student. 3.6 Bijstand voor huur Toegevoegd dat kamerverhuur geen invloed heeft op hoogte toeslag 3.10 Kosten kinderopvang sociaal medische indicatie Dit wordt in Schagen vanaf 1 augustus 2014 niet meer verstrekt als bijzonder bijstand maar op grond van Verordening kinderopvang In Schagen is het nog bijzondere bijstand 3.11 Voor en vroegschoolse opvang en peuterspeelzaal Er wordt geen bijstand verstrekt voor kosten van peuterspeelzaal als deze wordt aangeboden in kinderopvang. Voorziening is duurder dan de traditionele peuterspeelzaalvoorziening. De gemeente heeft er voor gekozen om geen peuterspeelzaalvoorziening meer aan te bieden voor kinderen die niet vallen onder VVE. Het is tegenstrijdig om er dan BB voor te verstrekken. 2015 is voor peuterspeelzaalvoorziening een overgangsjaar 3.12 Kleding schoenen en beddengoed Afschaffing TOG opgenomen. Is opgenomen in kindgebonden budget 3.14 Reiskosten in verband met medische behandelingen en bezoek aan gezinsleden Frequentie van bezoek aan in inrichting of detentie verblijvende gezinsleden was 2 keer per maand. Verhoogd naar 1 x per week 3 14 Reiskosten schoolgaande kinderen Beleid is bedoeld voor kinderen die zo ver van school wonen dat de afstand niet te fietsen is. In beleid staat dat kosten boven € 45,-- per maand per gezin vergoed worden. Hierdoor wordt er ook gebruik gemaakt van de regeling voor kinderen die op korte afstand van school wonen. Dit is een onbedoeld effect. Minimumafstand van 15 KM opgenomen. Deze afstand is te "befietsen" 3.15 Reiskosten re-integratie en participatie Tegenprestatie opgenomen. Zelfde voorwaarden als vrijwilligerswerk 3.18 Kosten uit huis geplaatste kinderen Deze paragraaf moet nog gewijzigd worden. Info over eigen bijdrage per 01-01-2015 ontbreekt nog. 3.19 Computers Plan om dit per 01-01-2015 onder te brengen in kindpakket 3.22 a Kindgebonden budget in plaats van alo kop Nieuwe paragraaf in verband met Hervorming kindregelingen 3.22 b Kindgebonden budget voor minderjarigen Dit beleid is verplaatst van de Beleidsregel bijstand minderjarigen naar het Handboek. Het gaat nu om bijzondere bijstand en was normbijstand voor levensonderhoud. Inhoudelijk niet veranderd 3. 24 Bewindvoering, mentor en curatele Met ingang van 01-01-2015 is een nieuwe Regeling beloning voor curatoren etc. van toepassing. Op grond van deze Regeling wordt de hoogte van de beloning door de kantonrechter vastgesteld. Hoogte bijzondere bijstand is afhankelijk van vastgestelde bedrag. Bewindvoerders en curatoren kunnen vanaf 2015 een uitgebreidere taak hebben voor schuldenregeling. De beloning is hier dan op afgestemd. Overlap met schuldhulpverlening door gemeente moet worden voorkomen. Daarop moet worden gelet bij toekenning. 3.25 Budgetbeheer De hoogte van de beloning is gelijk gesteld aan familiementor op grond van Regeling beloning curatoren etc. per 01-01-2015. Was tarief plangroep, maar dat is niet objectief. 3 26 Rechtsbijstand en griffierecht Kolom met eigen bijdragen opgenomen. Bij veroordeling door rechtbank van proceskosten en griffierecht in zaken waar de gemeente partij is, wordt het griffierecht niet vergoed als er al bijzondere bijstand verstrekt is. In het Handboek stond dat vanuit werd gegaan dat betaling aan rechtbank verplicht was. Dat is niet het geval. 3.27 Koopkrachttegemoetkoming Is nieuw en eenmalig voor 2014. Aanvragen kunnen of worden ingediend tot 01-02-2015 in verband daarmee was opname in Handboek noodzakelijk. 3.28 Kindpakket “Meedoen Noordkop” Dit vervangt de categoriale bijzondere bijstand voor participatie schoolgaande kinderen en Jeugdsportfonds. Met ingang van 01-01-2015 alleen sport. Vanaf 01-07-2015 ook aanbod Onderwijs en Cultuur. 4.1 Categoriale bijzondere bijstand Onderdelen die niet meer van toepassing zijn verwijderd. 4.3 Participatie schoolgaande kinderen Op grond van overgangsrecht nog van toepassing tot 01-07-2015 4.4 Univé GemeentePakket compleet CompleetPakket+ verzekering eigen risico opgenomen. Inkomensgrens was 110% is per 01-01-2015 130%. Aanbod voor inkomensgrens tussen 110% en 120% (korting van Univé, zonder bijdrage van gemeente) is hiermee komen te vervallen. 4.5 Overgangsrecht Schagen Verwijderd 5 1 2 Medische kosten algemeen Criteria voor beoordeling medische kosten is gewijzigd. Punt 3 is verwijderd. Daarin stond dat bijzondere bijstand mogelijks was als op grond van Zorgverzekeringwet kosten gedeeltelijk vergoed werden en een eigen bijdrage verschuldigd was. Dit is te ruim. Daarmee kon alles wat gedeeltelijk vergoed werd, voor een aanvullende vergoeding op grond van de bijzondere bijstand vergoed worden. Dat is nooit de bedoeling geweest. Bij niet of onvoldoende verzekerd is de optie van afwijzing bovenaan gezet in keuzes. Immers hoofdregel is afwijzen. Bij vrije keuze voor verzekeraar opgenomen dat het GemeentePakket compleet van Univé leidend blijft voor mensen die elders zijn verzekerd. Niet Compleet + eigen risico. Er wordt geen bijzondere bijstand voor eigen risico vergoed als verzekerden er voor hebben gekozen om dit niet te verzekeren. Dit hoort tot de inschatting van het eigen risico. Ook andere verzekeringen bieden een aanvullende verzekering met verzekering eigen risico. Eigen bijdrage GGZ verwijderd. Bijdrage is niet meer verschuldigd. 5.2 Eigen bijdrage WMO Is uitgebreid omdat niet alleen voor huishoudelijke hulp eigen bijdrage is verschuldigd, maar ook voor vervoersvoorzieningen en woningaanpassingen 5 7 Bijstand voor verplicht eigen risico 2014 Nieuw beleid. Toegevoegd. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2015 en 2016 2.2 Categoriale bijzondere bijstand Tekst over het feit dat de Pluspremie, met ingang van 01-01-2015, en participatie schoolgaande kinderen niet meer mogelijk is met ingang van 01-07-2015, verwijderd 2.5 Terugwerkende kracht Toegevoegd: Voor Meedoen Noordkop geldt dat het budget beschikbaar is vanaf datum toekenning en in het daaropvolgende jaar kan worden gebruikt. Terugwerkende kracht is niet mogelijk. 2.11 Het inkomen boven de bijstandsnorm Toegevoegd bij draagkrachtpercentage voor de computer (in tabel): ‘Voor Meedoen Noordkop geldt dezelfde draagkrachtregel als voor de computer’. Deze inkomensgrens was ook van toepassing voor de categoriale bijzondere bijstand voor de participatie van schoolgaande kinderen. Dit beleid is per 01-01-2015 voortgezet, maar stond nog niet op deze plaats in het Handboek. Blokje met tekst over categoriale bijstand zoals dat was voor 01-01-2015 was voor de duidelijkheid nog opgenomen. Nu verwijderd. 2.12 Vaststelling bijstandsnorm voor vergelijking met inkomen Met terugwerkende kracht vanaf 01-01-2015 is de kostendelersnorm niet van toepassing voor de bijzondere bijstand. De bepalingen van de Toeslagenverordening zoals die van toepassing waren voor 01-01-2015, worden in vereenvoudigde vorm toegepast. Als er één of meer volwassen personen inwonen, wordt de norm verlaagd met 10%. Geen verschil tussen medebewoning en onderhuur en geen korting i.v.m. onderhuur. 2.13 Vaststelling inkomen Het inkomen uit kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouder kop is geen inkomen. Voor alleenstaande ouders wordt er dus een vergelijking gemaakt tussen de norm alleenstaande (die van toepassing is) en het inkomen uit andere bron, zonder kindgebonden budget inclusief alleenstaande ouder kop. Uit de proefberekening KGB blijkt dat de alleenstaande ouder kop niet sterk daalt bij een inkomen tot in ieder geval 130% van de bijstandsnorm. Nieuw: Er wordt bij vaststelling inkomen rekening gehouden met het beschikbare inkomen in geval van de schuldbemiddeling op grond van de Wet schuldhulpverlening (was alleen bij WSNP en beslag). Wel contact opnemen met schuldhulpverlener over eventueel gereserveerd bedrag voor vervangingsuitgaven of mogelijkheid om in berekening rekening te houden met andere bijzondere kosten (bijvoorbeeld bewindvoering). Personen die zelf de schulden hebben geregeld of als op het inkomen beslag ligt worden naar schuldhulpverlening verwezen als ze daar nog niet bekend zijn. Dit is iets scherper neergezet. Toegevoegd: als er beslag ligt op inkomen nagaan of het beslag correct is vastgesteld. 3.1 Bijstand voor jongeren van 18 tot en met 20 jaar, zelfstandig wonend Met ingang van 01-01-2016 een korting van 15% op de norm toepassen. Voor lopende uitkeringen de wijziging in laten gaan van 01-07-2016. Verschil tussen norm 21 jaar en minimumloon is te groot. 3.7 Bijstand voor woonkosten bij bewoning eigen woning Onderhoudskosten eigen woning per 1 juli 2012 Vanaf 01-07-2012 indexeren met de consumentenprijsindex Onderhoudskosten eigen woning per jaar woning gebouwd voor 1945 € 590,-- woning gebouwd na 1945 € 504,-- toeslag installatie voor centrale verwarming € 79,-- toeslag liftinstallatie € 75,-- toeslag algemeen beheer en administratie € 144,-- 3.8 Babyuitzet De prijzen die in het Handboek stonden waren ontleend aan de prijzengids van NIBUD. Ze waren hoog en niet marktconform op grond van een inkomen op bijstandsniveau. De grote spullen (bed, box etc) kunnen tweedehands gekocht worden. Via de stichting babyspullen wordt een babypakket verstrekt. 3.10 Kosten kinderopvang (sociaal medische indicatie) Met ingang van 01-01-2016 wordt kinderopvang in Schagen vergoed op grond van de Verordening VVE en kinderopvang SMI.. Lopende zaken blijven op grond van overgangsrecht doorlopen tot 01-07-2016. 3.11 Voor- en vroegschoolse educatie (voorheen peuterspeelzaal) Tekst over toegang VVE en overgangssituatie van peuterspeelplaats naar VVE verwijderd. Er staat nu een verwijzing naar 3.17 omdat voor de eigen bijdrage bijzondere bijstand verleend wordt. De bijdrage is met ingang van 01-01-2016 inkomensafhankelijk geworden. 3.12 Kleding, schoenen en/of beddengoed Tekst die er stond over de TOG die van toepassing was tot 01-01-2015 verwijderd. Is niet meer relevant. 3.14a Reiskosten schoolgaande kinderen in het voortgezet onderwijs Toegevoegd: De school is de dichtstbijzijnde school, waar het passende onderwijs gevolgd kan worden. Deze voorwaarde stond niet onder het kopje “recht op en hoogte bijzondere bijstand”. Het was wel praktijk dat er gekeken werd naar de dichtstbijzijnde school en dat wensen voor een school verder weg niet gehonoreerd werden. In verband daarmee toegevoegd. 3.15 Reiskosten in verband met re-integratie, participatie en tegenprestatie Reiskosten woon-werkverkeer zijn toegevoegd. Als de kosten hoger zijn dan de helft van de verdiensten, worden de kosten niet vergoed. Uitzondering is mogelijk op grond van omstandigheden van werknemer. Voorwaarde om werk dichterbij huis te zoeken en te aanvaarden. De draagkrachtregels (tot 110% en daarboven 35%) zijn van toepassing.. 3.17 Kosten in verband met kinderopvang (uitgezonderd opvang op sociaal medische indicatie zie 3.10) Eigen bijdrage kinderopvang SMI opgenomen. 3.18 Kosten uit huis geplaatste kinderen Deze paragraaf vervalt met ingang van 01-01-2015. Afwijkende norm voor gedeeltelijk verblijf van kind bij ouder is niet meer van toepassing in verband met vervallen van norm alleenstaande ouder. 3.19 Computers De voorwaarde voor deelname aan onderwijs is gewijzigd met ingang van 01-01-2016. Was vanaf voortgezet onderwijs. Is nu vanaf 3e jaar basisonderwijs. 3.25 Budgetbeheer De manier waarop vastgesteld kan worden of de budgetbeheerder betrouwbaar is, klopte niet meer met de werkelijkheid. Dit is aangepast. Leden van de PBI (Professionele bewindvoerders en inkomensbeheerders) zijn in ieder geval betrouwbaar. Voor niet aangesloten budgetbeheerders is de tenaamstelling van de budgetbeheerrekening een belangrijke indicatie. Deze rekening moet op naam de belanghebbende staan en niet op naam van de budgetbeheerder. 3.27 Koopkrachttegemoetkoming Verwijderd. Is niet meer van toepassing 4.3 Participatie van kinderen (de bijdrage vervalt met ingang van 01-07-2015) Verwijderd. Meedoen Noordkop is opgenomen onder 3.27 4.2 Collectieve zorgverzekering gemeenten Het nieuwe aanbod Compact en Compleet+ is opgenomen. Belangrijkste verschillen tussen Compact en Compleet+ opgenomen. 5.1 Medische kosten, 5.1.2 Algemeen, onder kopje ‘Vrije keuze voor verzekeraar – vergoeding conform pakket Compact+’ Opgenomen dat pakket Compact leidend is voor de vergoedingen in geval belanghebbende bij een andere zorgverzekering aanvullend verzekerd is. Belanghebbende die geen aanvullende verzekering heeft afgesloten krijgt geen vergoeding bijzondere bijstand voor de vergoedingen die hij daardoor misloopt. Voor het verplichte eigen risico zorgverzekering en de eigen bijdrage WMO wordt geen bijzondere bijstand verleend. Belanghebbende heeft bewust gekozen voor een pakket met een lagere premie en het is niet redelijk om dat te compenseren met bijstandsverlening. 5.2 Eigen bijdrage WMO Opgenomen dat er voor de eigen bijdrage WMO geen bijstand meer verleend wordt vanaf 01-01-2016. De lopende zaken worden herbeoordeeld op het moment dat verlenging van de bijstand bekeken moet worden. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2017 en 2016 Inkomen in geval van schulddienstverlening (paragraaf 2.13 van het Handboek bijzondere bijstand Schagen) Inwoners die in een WSNP-traject (Wet schuldsanering natuurlijke personen) zitten en inwoners in een minnelijke schuldenregeling op grond van de Gws (Gemeentelijke wet schuldhulpverlening) hebben de beschikking over het Vrij Te Laten Bedrag (VTLB). Het meer-inkomen gaat naar de schuldeisers. De wijze van berekening van het VTLB ten opzichte van de manier waarop de draagkrachtberekening van de bijzondere bijstand wordt gedaan, leverde bij de inkomensconsulenten onduidelijkheid op. Nu is duidelijk dat er in geval van WSNP en minnelijke schuldregeling op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) geen draagkracht is, omdat het besteedbaar inkomen niet hoger is dan 110% van de bijstand. In het Handboek zijn voor de duidelijkheid de verschillende vormen van schuldregeling opgenomen. Reiskosten schoolgaande kinderen (paragraaf 3.14a van het Handboek bijzondere bijstand Schagen) Bijzondere bijstand voor reiskosten van MBO-studenten van 16 en 17 jaar is niet meer nodig. De Ov-jaarkaart is een voorliggende voorziening. Vergoeding budgetbeheerder (paragraaf 3.25 van het Handboek bijzondere bijstand Schagen) De vergoeding voor de budgetbeheerder is niet – zoals bij bewindvoering – landelijk geregeld. Om toch een objectieve norm te hebben, vergoeden we maximaal het bedrag van de beloning van de mentor. De werkzaamheden van de mentor verschillen echter behoorlijk van de budgetbeheerder. Dit is dus achteraf niet handig. Bovendien levert het af en toe discussie op met budgetbeheerders. Wij gaan met ingang van 01-01-2017 de tarieven van Plangroep hanteren voor de vergoeding van de budgetbeheerder. Inwoners zijn vrij in de keuze van de budgetbeheerder, maar de maximale vergoeding is het tarief van Plangroep. Voor lopende zaken passen we de vergoeding aan met ingang van 01-01-2018. Abonnement Wonen Plus Welzijn (paragraaf 5.6 van het Handboek bijzondere bijstand Schagen) Huurders van de Wooncompagnie hoeven in de loop van 2017 geen abonnementsgeld meer te betalen. De wijziging wordt gefaseerd per gebied/dorp ingevoerd. Bijzondere bijstand is niet meer nodig als er geen abonnementsgeld meer betaald hoeft te worden. Huurders van de Woningbouwvereniging Anna Paulowna betalen € 3,25 per maand. Het abonnementsgeld zonder korting is € 5,25 per maand. Verschillen Handboek bijzondere bijstand 2019 en 2017 In hoofdstuk 3 van het Handboek worden de verschillende kostensoorten behandeld. Per kostensoort wordt aangegeven welke bewijsstukken door de klant moeten worden overgelegd om de noodzaak van de kosten te kunnen beoordelen. De kwestie van de bewijstukken wordt aanstonds nader geregeld in het Handhavingsplan. Alle tekst in het handboek die betrekking heeft op dit onderwerp wordt daarom geschrapt. Paragraaf 3.5 Garantietoeslag is geschrapt. Uit de geldende jurisprudentie kan worden afgeleid dat beleid op grond waarvan de ouder aanspraak maakt op compensatie van inkomensdaling in verband het verlies van de alleenstaande-ouderkop buitenwettelijk begunstigend beleid is (zie CRvB 11-08-2009, ECLI:NL:CRVB:2009:BJ5297). Het 18-jarige kind kan namelijk zo nodig zelf (algemene) bijstand aanvragen. Als de lagere jongerennorm ontoereikend is om de kosten van levensonderhoud te bestrijden, zal hij een beroep moeten doen op de onderhoudsplicht van zijn ouder, die niet in gezinsverband met hem leeft. Als dat niet mogelijk is kan hij een beroep doen op artikel 12 P-wet. Paragraaf 3.13b Reiskosten schoolgaande kinderen in het voortgezet onderwijs wordt gewijzigd. Het gaat om reiskosten: in verband met het reizen van huis naar school van kinderen die na de basisschool onderwijs volgen en voor wie de afstand van huis naar school meer is dan 15 kilometer enkele reis; die op maandbasis meer bedragen dan 3% van de toepassing zijnde bijstandsnorm. Besloten is de kilometergrens te verlagen naar 10 km. In het re-integratiebeleid wordt deze kilometergrens ook gehanteerd (zie Beleidsregels inzake de reiskostenvergoeding en vervoersvoorziening). Paragraaf 3.18 Kosten uit huis geplaatste kinderen is geschrapt. In de Jeugdwet, die op 1 januari 2015 in werking is getreden, was geregeld dat ouders voor jeugdhulp met verblijf een ouderbijdrage verschuldigd zijn. Het Centraal Administratie Kantoor (CAK) werd belast met de vaststelling en de inning van de ouderbijdrage. Gemeenten werden verplicht informatie te verstrekken aan het CAK over de aanvang, wijziging en beëindiging van jeugdhulp met verblijf. De opbrengsten van de ouderbijdrage waren bestemd voor de gemeenten, die verantwoordelijk zijn voor het treffen van een voorziening voor de jongere. Er is maatschappelijk en politiek veel kritiek ontstaan op de ouderbijdrage. Zo werd de ouderbijdrage voor jeugdhulp met verblijf als onrechtvaardig beschouwd, omdat geen eigen bijdrage wordt gevraagd wanneer jeugdigen vanwege lichamelijke aandoeningen op grond van een zorgverzekering als bedoeld in de Zorgverzekeringswet worden behandeld en daarbij worden opgenomen in bijvoorbeeld een kliniek of een ziekenhuis. Op basis van de uitkomsten van het onderzoek naar de uitvoeringspraktijk van de ouderbijdrage is besloten de ouderbijdrage af te schaffen per 1 januari 2016. De Wet hervorming kindregelingen heeft de aparte norm voor de alleenstaande ouder afgeschaft. Sinds 1 januari 2015 is de bijstandsnorm voor een alleenstaande die zelfstandig woont, met of zonder kinderen, 70% van het referentieminimumloon. In plaats van de extra 20%-punt is de alleenstaande-ouderkop gekomen, die wel afhankelijk is van het inkomen, maar verder niet van wel of niet werken. Dit beoogt de armoedeval weg te nemen. Vanaf 01-01-2015 (en voor het overgangsrecht vanaf 01-07-2015) is er derhalve geen grond meer voor toekenning van een afwijkende norm voor de dagen dat het kind thuis verblijft. Paragraaf 3.15 De Computerregeling is gewijzigd. Dit beleid is verruimd. De beleidsregel inzake een computervoorziening ten behoeve van kinderen uit minimagezinnen bestaat uit twee onderdelen, namelijk: de Gezinscomputer de Computervoorziening t.b.v. scholieren voortgezet onderwijs (Chromebook). Het college verstrekt een Gezinscomputer, indien de aanvrager: een of meer ten laste komende kinderen heeft die in groep 3 of hoger zitten van de basisschool of een speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs dan wel een school voor speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; meer dan drie jaar geleden, te rekenen vanaf de datum van indiening van de aanvraag, in aanmerking is gebracht voor een computer in het kader van de toentertijd vigerende beleidsregel computers ten behoeve van kinderen uit minimagezinnen’; een inkomen heeft dat lager is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet; en over een vermogen beschikt dat niet hoger is dan de in artikel 34, tweede lid, onderdeel b, en derde lid, van de Participatiewet bedoelde vermogensgrens. Het college verstrekt een Computervoorziening t.b.v. scholieren voortgezet onderwijs (Chromebook), indien de aanvrager: en ten laste komend kind heeft dat onderwijs volgt aan een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in de Wet op het voortgezet onderwijs of een school voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs of voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra; en een inkomen heeft dat lager is dan 110% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet; en over een vermogen beschikt dat niet hoger is dan de in artikel 34, tweede lid, onderdeel b, en derde lid, van de Participatiewet bedoelde vermogensgrens. Paragraaf 3.15 a Computervoorziening statushouders Als belanghebbende van buiten de EU langdurig in Nederland komt wonen, moet hij inburgeren. Met andere woorden, hij moet de taal leren spreken en de Nederlandse samenleving leren kennen. Daarom moet hij een inburgeringsexamen doen. De kosten van een inburgeringscursus worden vergoed uit een lening die de inburgeraars bij Duo aangaan. De kosten voor een laptop vallen hier buiten. Het is noodzakelijk dat inburgeraars de beschikking hebben over een laptop bij het volgen van de inburgeringslessen en voor het maken van het huiswerk c.q. opdrachten. Inburgeraar is zelf verantwoordelijk voor regelen van de inburgeringscursus. Na aanmelding bij een taalinstituut met kenmerk Blik op Werk kan bij de gemeente een aanvraag worden ingediend voor vergoeding van een computervoorziening via bijzondere bijstand. Deze beleidsregel staat alleen open voor alleenstaanden zonder kinderen, echtparen zonder kinderen, echtparen of alleenstaanden met kinderen die nog niet in groep 3 of hoger zitten van de basisschool. Inburgeraars met schoolgaande kinderen vanaf groep 3 van de basisschool vallen immers onder de computervoorziening ten behoeve van kinderen uit minimagezinnen. De computervoorziening wordt verstrekt in de vorm van een financiële tegemoetkoming van maximaal € 500,- per huishouden. Deze tegemoetkoming wordt, nadat de klant een pro forma nota heeft overgelegd, betaalbaar gesteld. Het begrip ‘per huishouden’ betekent dat als de aanvraag wordt ingediend door gehuwden zonder kinderen in principe slechts een computervoorziening wordt verstrekt. De computervoorziening wordt eenmalig verstrekt. Deze beleidsregel blijft van toepassing totdat de nieuwe Inburgeringswet in werking is getreden. Paragraaf 3.17 Kosten woninginrichting is gewijzigd. Kosten van woninginrichting kunnen bestaan uit: een volledige inrichting, meestal voorkomend bij toewijzing van een woning aan statushouders; een gedeeltelijke inrichting na verhuizing of echtscheiding; vervanging van inboedel of stoffering in geval van slijtage. Als een aanvraag om bijzondere bijstand wordt ingediend ter voorziening in de kosten van een gedeeltelijke woninginrichting na verhuizing of echtscheiding of in de kosten van vervanging van inboedel of stoffering in geval van slijtage, dan wordt in de gemeente Schagen de volgende beleidslijn gevolgd. De kosten van woninginrichting of duurzame gebruiksgoederen zijn kosten die betaald kunnen worden uit de bijstandsnorm en/of de langdurigheidstoeslag. Als er geen spaargeld is om de kosten van te betalen, dan is een lening bij de Kredietbank Nederland (hierna: de kredietbank) de voorliggende voorziening. Is een lening niet mogelijk, dan moet de volgende afweging gemaakt worden: bijstand in de vorm van een lening als er verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is en de noodzakelijke verhuizing daardoor niet mogelijk is. bijstand om niet als er niet verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is. Het beleid is aldus gewijzigd, dat de gemeente aanvragers niet meer standaard zal doorverwijzen naar de kredietbank. De gemeente zal een aanvraag om leenbijstand innemen. Dezelfde werkwijze dus zoals die bij de volledige woninginrichting wordt gevolgd. Bij de volledige woninginrichting (statushouders) vindt namelijk ook geen doorverwijzing naar de kredietbank plaats. Op deze wijze wordt de afhandeling van aanvragen om bijzondere bijstand in de kosten van woninginrichting geüniformeerd. Als het gaat om een volledige woninginrichting, dan wordt de bijstand in de vorm van een renteloze geldlening verstrekt. De gemeente brengt dus geen rente bij de klant in rekening. De reden hiervoor is dat het binnen de bestaande applicatie niet mogelijk is om rente te berekenen. Als je er als gemeente toch voor kiest om rente bij de klant in rekening te brengen, dan dient de rente handmatig te worden berekend. Dit handmatig berekenen van de rente is een tamelijk arbeidsintensieve aangelegenheid. De kosten om de rente te berekenen zullen vrijwel zeker hoger zijn dan de rente die bij de klant in rekening wordt gebracht. Niet erg efficiënt dus. Het college heeft daarom besloten om ook bij de gedeeltelijke woninginrichting geen rente in rekening te brengen. De bijzondere bijstand in de kosten van een gedeeltelijke woninginrichting wordt in de vorm van een (renteloze) lening verstrekt, als er verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is en de noodzakelijke verhuizing daardoor niet mogelijk is. Echter, ingeval er niet verwijtbaar niet (voldoende) gespaard is, dan wordt de bijzondere bijstand om niet verstrekt. De regels met betrekking tot de volledige woninginrichting zijn ook gewijzigd. Het oude beleid luidde -kort samengevat- als volgt: “Van statushouders die zich vanuit een Asielzoekerscentrum in een woning vestigen, kan niet verwacht worden dat zij reserveren. Zij krijgen een volledige inrichting. Een deel wordt in natura verstrekt (meubel- en witgoedpakket dat werd geleverd door Rataplan) en een deel in de vorm van geld. Het deel dat in de vorm van geld wordt verstrekt, moet worden terugbetaald. Er moet maximaal over een periode van drie jaren 5% van de bijstandsnorm inclusief vakantiegeld worden terugbetaald. Nadat aan de aflossingsverplichting is voldaan, wordt het restantbedrag kwijtgescholden.” Het meubel- en het witgoedpakket zijn afgeschaft. Het beleid met betrekking tot de volledige woning inrichting is aldus gewijzigd, dat de bijzondere bijstand in de kosten van een volledige woninginrichting is opgebouwd uit de volgende twee componenten: een gift, zijnde een forfaitair bedrag van € 1.000,-., welk bedrag besteed moet worden aan het witgoed; een renteloze geldlening, waarvan de hoogte afhangt van de gezinssamenstelling en die bestemd is voor de overige kosten van woninginrichting (meubels, tv, stoffering etc. ). Het ene deel van de bijzondere bijstand inzake de kosten van woninginrichting wordt dus om niet verleend Onder witgoed wordt het navolgende verstaan: wasmachine, koelkast, stofzuiger en gasfornuis. Het andere deel van de bijzondere bijstand wordt dus verstrekt in de vorm van een renteloze geldlening. Er moet maximaal over een periode van drie jaren 5% van de bijstandsnorm inclusief vakantiegeld worden terugbetaald. Nadat aan de aflossingsverplichting is voldaan, wordt het restantbedrag kwijtgescholden. Bij het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand wordt aansluiting gezocht bij de NIBUD-prijzengids, met dien verstande dat deze normbedragen van het NIBUD met 45% worden verlaagd. Hieraan ligt de overweging ten grondslag dat vandaag de dag meubels voor een relatief lage prijs kunnen worden gekocht bij de kringloopwinkels of via het internet (Marktplaats of Marktnet). Deze beleidskeuze past bovendien bij het uitgangspunt dat bij bijstandsverlening uitgegaan moet worden van de goedkoopst adequate oplossing. In dat opzicht is het beleid dus ongewijzigd gebleven. Paragraaf 3.24 Broodnood voor jongeren tijdens zoektijd van 4 weken is geschrapt, omdat dit probleem op de reguliere wijze via de voorschotverlening kan worden opgelost. Paragraaf 3.20 Budgetbeheer. Het bijzondere bijstandsbeleid met betrekking tot het budgetbeheer is aangepast. Wat de vaststelling van de hoogte van de bijzondere bijstand betreft werd voorheen aansluiting gezocht bij de tarieven de door Plangroep gehanteerde tarieven. Aangezien Plangroep vanaf 1 januari 2017 niet meer de schuldregelingen en de complexe betalingsregeling voor de gemeente uitvoert, is het niet meer logisch om aansluiting te zoeken bij de tarieven die door dit bedrijf worden gehanteerd. Besloten is bij de vaststelling van de hoogte van de bijzondere bijstand uit te gaan van de daadwerkelijk gemaakte kosten. Wel geldt er een aanvullende eis. De budgetbeheerder dient ter zake kundig en betrouwbaar te zijn. Daarom verlangt de gemeente dat de budgetbeheerder lid is van PBI (Professionele bewindvoerders en inkomensbeheerders). Als de budgetbeheerder geen lid is van PBI, dan wordt er ter zake van de kosten van budgetbeheer geen bijzondere bijstand verleend. Paragraaf 3.27 Kindpakket Meedoen Noordkop is geschrapt en overgeheveld naar de Verordening Meedoen Schagen. Paragraaf 3.22 Reiskosten i.v.m. re-integratie, participatie en tegenprestatie wordt geschrapt en overgeheveld naar het document Beleidsregels inzake de reiskostenvergoeding en vervoersvoorziening Participatiewet Gemeente Schagen 2019. Aan deze overheveling ligt de overweging ten grondslag dat deze kosten moeten worden betaald uit het werkdeel en niet- zoals nu gebeurt- uit het budget bijzondere bijstand. Paragraaf 3.23 Vervoersvoorziening wordt geschrapt en overgeheveld naar het document Beleidsregels inzake de reiskostenvergoeding en vervoersvoorziening Participatiewet Gemeente Schagen 2019. Aan deze overheveling ligt de overweging ten grondslag dat deze kosten moeten worden betaald uit het werkdeel en niet - zoals nu gebeurt- uit het budget bijzondere bijstand. Paragraaf 5.4 Pedicurekosten is gewijzigd. Besloten is geen bijzondere bijstand meer te verlenen voor pedicurekosten. In het algemeen is het zo dat de Zvw en de Wlz alle noodzakelijke medische of paramedische kostensoorten vergoeden. Beide regelingen gelden samen als een aan de Participatiewet voorliggende voorziening die passend en toereikend is. Bijstandsverlening voor deze kosten is daarom in beginsel uitgesloten (artikel 15 lid 1 Participatiewet;).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel