**1..** Van de inkomsten en uitgaven van het openbaar lichaam wordt door het Dagelijks Bestuur over het dienstjaar aan het Algemeen Bestuur verantwoording gedaan. Het Dagelijks Bestuur voegt daarbij het verslag van het onderzoek naar de deugdelijkheid van de rekening, ingesteld door de krachtens artikel 213, tweede lid, van de Gemeentewet aangewezen deskundigen.
**2..** De in het eerste lid bedoelde stukken worden aan het Algemeen Bestuur en aan de raden van de gemeenten toegezonden voor 15 april van het jaar dat volgt op het dienstjaar waarop zij betrekking hebben.
**3..** De raden kunnen bij het Dagelijks Bestuur hun zienswijze over de voorlopige jaarrekening naar voren brengen. Het Dagelijks Bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de jaarrekening, zoals deze aan het Algemeen Bestuur wordt aangeboden ter vaststelling.
HOOFDSTUK
Artikel 29