De autoaanpassing wordt voor een periode van zeven jaar toegekend. Een nieuwe aanvraag voor eenzelfde aanpassing binnen deze periode wordt slechts naar rato van de verstreken termijn vergoed. De autoaanpassing wordt alleen toegekend indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
er kan géén gebruik gemaakt worden van een verplaatsingsmiddel op twee wielen en het (aanvullend)openbaar vervoer of de taxi; óf
de belanghebbende maakt deel uit van een gezin bestaande uit meer dan twee personen,
én kan geen gebruik maken van een verplaatsingsmiddel op twee wielen en het openbaar vervoer,
én de gezinssituatie speelt een substantiële rol in de vervoersbehoefte van belanghebbende. Dat wil zeggen: men kan aannemelijk maken dat er veelal in gezinsverband wordt gereisd.
de eigen auto kan niet worden gebruikt als de auto niet is aangepast aan de beperkingen van de belanghebbende;
er is geen (medische) contra-indicatie om in een auto te kunnen rijden;
de bestuurder is de aanvrager of lid van het gezin van de aanvrager;
de bestuurder heeft een geldig rijbewijs en is of komt in het bezit van een auto, gelijktijdig met de autoaanpassing;
er treedt naar alle waarschijnlijkheid geen ingrijpende wijziging op in de rijbevoegdheid van de bestuurder.
Ook aan de eigen auto worden randvoorwaarden gesteld, deze moet:
redelijk aan te passen en in goede staat zijn;
het goedkoopst aan te passen model zijn;
in principe niet ouder dan drie jaar zijn of nog minimaal zeven jaar mee kunnen (dit hoeft niet te gelden bij overplaatsbare aanpassingen).
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.11.1.