**1..** Het gaat in dit artikel om de urgentiecategorie sociaal- of medische urgentie. Het college kan een woningzoekende in deze urgentiecategorie indelen, indien:
er geen sprake is van een afwijzingsgrond zoals vastgelegd in artikel 4:5 van de verordening;
de woonsituatie van de aanvrager zich in de gemeente Delft afspeelt;
naar het oordeel van het college door sociale of medische omstandigheden zodanig is verstoord dat:
levensgevaar voor één of meer leden van het huishouden dreigt; of
één of meer leden van het huishouden zodanig geestelijk, emotioneel of lichamelijk belast is, dat volledige ontwrichting van het huishouden optreedt en de leden zelf niet in staat zijn dit op te lossen.
**2..** Van een levensbedreigende of levensontwrichtende situatie is sprake wanneer de aanvrager (of een van de leden van zijn huishouden), in samenhang met ernstige woonproblemen, niet meer in staat is zelfstandig te functioneren in gezin (of als alleenstaande).
**3..** Er in ieder geval sprake van volledige ontwrichting van het huishouden als bedoeld in artikel 4:7, eerste lid onder b, van de verordening wanneer:
Een persoon kan uitstromen uit instelling voor maatschappelijke opvang, beschermd wonen, begeleid wonen, residentiële instellingen voor verslavingszorg, geestelijke gezondheidszorg, jeugdzorg (met verblijf) en detentie waarbij:
De persoon daadwerkelijk verblijft in de betreffende voorziening en daarmee verhindert dat er nieuwe instroom kan plaatsvinden, of de persoon daadwerkelijk verblijft in de voorziening en wordt ontslagen;
Er is sprake van een doorlopen hersteltraject;
De behandelende, of begeleidende instantie bevestigd dat de aanvrager aan dit traject actief en met voldoende gevolg heeft deelgenomen;
De behandelende, of begeleidende instantie een contactpersoon ter beschikking stelt die betrokken wordt bij de uitvoering van de urgentie.
Hierbij maakt het college de volgende voorbehouden:
Er is geen sprake van volledige ontwrichting wanneer alternatieve vormen van huisvesting in het kader van uitstroom Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen beschikbaar zijn, tenzij het betrekken van een zelfstandige woning naar oordeel van de behandelaar de beste ondersteuning biedt voor herstel;
de weigeringsgronden zoals gesteld in de huisvestingsverordening Delft 2019 artikel 4:5 onder a, b, i, j, k, m & n van de verordening blijven van toepassing;
een urgentieverklaring afgegeven op basis van bovenstaande overweging zal altijd worden toegekend in de vorm van een eenmalig bemiddelingsaanbod, als bedoel in artikel 4:8, vijfde lid van de verordening;
een urgentieverklaring afgegeven op basis van bovenstaande overweging bevat een standaard zoekprofiel, tenzij op basis van de urgentieaanvraag, of op advies van de behandelende, of begeleidende instantie aanleiding bestaat om daarvan af te wijken;
Het is de corporatie die het woningaanbod doet nadrukkelijk toegestaan aanvullende voorwaarden te stellen bij verhuur van de woning indien zij daarvoor de noodzaak ziet.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.3
Nadere uitwerking artikel 4:7, eerste lid, van de verordening
Onderdeel van Beleidsregel urgentieverklaringen Delft 2019