Voor het realiseren van stallingen vóór de voorgevelrooilijn bij grondgebonden woningen, geldt:
het bouwwerk is noodzakelijk voor de stalling van een vervoermiddel voor iemand met een beperking die woonachtig is op het perceel of belendende perceel van plaatsing;
het bouwwerk wordt uitsluitend gebruikt voor het onder a. bedoelde doeleinde;
bebouwing op het achtererf is niet mogelijk of omwille van bereikbaarheid geen reële optie;
de afmetingen zijn afgestemd op het te stallen vervoermiddel en niet overbemeten.
Toelichting: voorzieningen (zoals een scootmobiel, driewieler of rolstoel) ten behoeve van de mobiliteit van mensen met een beperking zijn van maatschappelijk belang. Dergelijke voorzieningen moeten niet alleen droog gestald kunnen worden, maar een afgesloten stallingsruimte is vaak ook voorwaarde om voor dergelijke middelen in aanmerking te komen. De behoefte hieraan is als een urgente reden aan te merken op basis waarvan het afwijken van de standaard bebouwingsregels mogelijk moet zijn. In voorkomende gevallen wordt eerst onderzocht of de voorzieningen gerealiseerd kunnen worden binnen de kaders van het bestemmingsplan of de mogelijkheden van vergunningvrij bouwen. Als dit niet het geval is, kan onder voorwaarden bebouwing voor de voorgevelrooilijn worden toegestaan.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 5
– stallingen voor vervoermiddelen van mensen met een beperking
Onderdeel van Wabo Afwijkingenbeleid Velsen 2019