Het terras maakt onderdeel uit van de horeca-inrichting. De sluitingstijd van het terras is gelijk aan de sluitingstijd van de bijbehorende horeca-inrichting, zowel commercieel als paracommercieel. Na sluitingstijd mogen klanten niet meer op het terras aanwezig zijn. Om rekening te houden met omwonenden wordt in het evenementenbeleid een onderscheid gemaakt tussen evenementen of festiviteiten binnen een lokaliteit van een inrichting en evenementen of festiviteiten buiten de lokaliteit (op het terras) en diens eindtijden.
Voor het plaatsen van een terras is op grond van artikel 2:28 van de APV een exploitatievergunning nodig.
Aan de exploitatievergunning worden voor het terras onder meer de volgende voorschriften verbonden:
het terras moet worden geplaatst binnen het gearceerde vlak dat op de bij de exploitatievergunning horende situatieschets is aangegeven, moet;
op trottoirs moet een vlakke en vrije doorgang van minimaal 1,80 meter aanwezig zijn;
langs een blindengeleide route moet aan weerszijden minimaal 0,60 meter vrije doorgang zijn;
toegangen, (nood)uitgangen en brandkranen moeten te allen tijde vrij blijven;
terrasschermen, parasols en vlonders zijn toegestaan, indien deze binnen de toegestane breedte blijven;
een terras wordt uitsluitend toegestaan als deze direct gelegen is aan een horeca-inrichting of een bedrijf waar drank of voedingsmiddelen voor directe consumptie worden verkocht;
uitbreiding van een terras voor het pand van de buren is alleen toegestaan als de eigenaar/gebruiker van het buurpand hiervoor schriftelijk toestemming heeft gegeven. Bij een nieuwe eigenaar/gebruiker van het pand moet een nieuwe schriftelijke toestemming worden gegeven;
het is niet toegestaan op het terras en/of in de openbare ruimte een permanent of tijdelijk tappunt in te richten. Bij bijzondere gelegenheden kan de burgemeester ontheffing verlenen (art. 35 DHW);
terrasmeubilair moet na sluiting van het terras worden verwijderd of zodanig worden verankerd dat het niet versleept kan worden;
na sluiting van het terras moet binnen een straal van 25 meter rondom het terras de openbare ruimte worden schoongemaakt;
aanwijzingen en/of bevelen van de brandweer, politie of medewerkers van de gemeente, in het belang van de openbare orde en veiligheid gegeven, moeten direct worden opgevolgd;
in het kader van evenementen zoals de kermis en braderie kan de vergunning/plaatsing tijdelijk worden opgeschort.
Drankverstrekking
Het terras behorende bij een horeca-inrichting moet op de drank- en horecawetvergunning van die horeca-inrichting vermeld staan. Zodoende mag ook op het terras alcoholhoudende drank worden verstrekt. Als een horecabedrijf buiten de horeca-inrichting een tijdelijk terras plaatst of een tappunt op gemeentegrond, dan is een artikel 35 DHW-ontheffing nodig.
Geluid op een terras
Een terras maakt onderdeel uit van een horeca-inrichting. Op het terras gelden daarom voor muziekgeluid dezelfde normen als voor de horeca-inrichting. Zie hierna onder 4.3.
Betaling voor het gebruik van openbaar terrein
Vaak staat een terras niet op eigen grond, maar op openbare grond. Voor het gebruik van het openbaar terrein moet worden betaald. De gemeente Best heft precariorechten over het gebruik van de gemeentegrond. De tarieven zijn opgenomen in een aparte (precario)tarieventabel, behorende bij de belastingverordening. Deze is te vinden op de website van de gemeente Best.