Er wordt niet tot gedogen overgegaan:
indien aan de zijde van de overtreder sprake is van recidiverend dan wel calculerend gedrag;
indien blijkt dat de te gedogen activiteit strijdig is met enige andere bij of krachtens wettelijk voorschrift gestelde regel en het voor de handhaving van die regel bevoegde gezag kenbaar heeft gemaakt dat het met bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten tegen deze overtreding optreedt, dan wel zal optreden;
bij bouwen zonder of in afwijking van een vergunning, tenzij er sprake kan zijn van een tijdelijk bouwwerk.
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.2