**1..** Het college kan een eenmalige subsidie verlenen voor:
activiteiten ter voorbereiding op het uitvoeren van voorschoolse educatie die voldoet aan de Amsterdamse kwaliteitseisen, die bestaan uit:
het opleiden van voldoende beroepskrachten voorschoolse educatie tot startbekwaam volgens de Amsterdamse norm;
het aanschaffen van een methode voor voorschoolse educatie die is opgenomen in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut;
het aanschaffen van een daarop aansluitend kindvolgsysteem;
het aanbieden van voorschoolse educatie die voldoet aan de Amsterdamse kwaliteitseisen, vanaf het moment van registratie als voorschool in het landelijke register Kinderopvang en voor zover de voorschool van start gaat in de loop van een kalenderjaar. Waarbij het in ieder geval gaat om uitvoering van de volgende activiteiten:
taakuren ten behoeve van een goede uitvoering van voorschoolse educatie;
inrichting van de organisatie op voorschoolse educatie;
materialen en activiteiten voor voorschoolse educatie;
permanente educatie van de beroepskrachten voorschoolse educatie;
de inzet van een hbo’er in de voorschool teneinde de kwaliteit van voorschoolse educatie te verhogen en te borgen;
het realiseren van een adequate zorgstructuur;
activiteiten om ouderbetrokkenheid op de voorschool te stimuleren;
het vormgeven van de doorgaande ontwikkellijn met het basisonderwijs.
**2..** Het college kan een periodieke subsidie verlenen voor het aanbieden van voorschoolse educatie, zoals bedoeld in lid 1 onder b.
**3..** Het college kan een periodieke subsidie verlenen voor het uitvoering geven aan een ontwikkelaanbod op maat, zoals bedoeld in het beleidsplan, voor peuters die extra zorg nodig hebben, middels:
een voorschool-plusgroep, een groep waarin maximaal 10 peuters die allen extra zorg nodig hebben, voorschoolse educatie krijgen aangeboden;
een diagnose/analysegroep, een groep met maximaal 8 peuters waarin analyse en behandeling wordt aangevuld met voorschoolse educatie;
een groep bij een AZC, ter voorbereiding op deelname aan de voorschool.
.
Hoofdstuk 1
Artikel 4