**1..** Het college stelt voor de verschillende activiteiten die op grond van deze subsidieregeling voor subsidie in aanmerking komen per kalenderjaar afzonderlijke subsidieplafonds vast.
**2..** Indien het subsidieplafond voor een periodieke subsidie voor het uitvoeren van voorschoolse educatie als bedoeld in artikel 4, lid 2 bereikt is, wordt het beschikbare subsidiebedrag naar evenredigheid verdeeld over de aanvragen die voldoen aan de criteria voor subsidieverlening.
**3..** Het college stelt jaarlijks de hoogte van de subsidiebedragen voor de uitvoering van de activiteiten bedoeld in artikel 4. Daarbij geldt dat:
voor de voorbereiding van voorschoolse educatie, zoals bedoeld in het eerste lid onder a een vast bedrag per groep wordt bepaald;
het bedrag voor het aanbieden van voorschoolse educatie zoals bedoeld in lid 1 onder b en in lid 2, wordt bepaald op basis van het gemiddeld aantal kinderen en doelgroepkinderen in de leeftijd van 2 tot 4 jaar per groep, dat per week minstens 10 uur voorschoolse educatie, verdeeld over minimaal twee dagen, volgt;
voor het aanbieden van een ontwikkelaanbod voor kinderen die extra zorg nodig hebben, als bedoeld in lid 3, een vast bedrag per groep wordt bepaald.
**4..** De vastgestelde bedragen worden opgenomen in het bij deze subsidieregeling behorende tarievenblad.
**5..** Bij een eerste aanvraag om subsidie voor het uitvoeren van voorschoolse educatie zoals bedoeld in artikel 4, lid 1. onder b., wordt de hoogte van de subsidie berekend naar rato van het aantal maanden dat voorschoolse educatie wordt aangeboden
Hoofdstuk 2
Artikel 5