Indien het inkomen van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen meer bedraagt dan 1,5 maal de in het Besluit voor de diverse categorieën genoemde inkomensgrenzen, wordt het bezit van een personenauto of het gebruik van een taxi algemeen gebruikelijk geacht. In dat geval komen collectief vervoer, een auto of een met een auto vergelijkbare voorziening en de daarmee samenhangende gebruiks- en onderhoudskosten niet in aanmerking voor verstrekking of vergoeding.
Hoofdstuk 5
Artikel 25
Algemeen gebruikelijke vervoersvoorzieningen
Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012