Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 6

Persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning 2012

Op het persoonsgebonden budget, zoals genoemd in artikel 6 lid 1 en 6 a van de wet zijn de volgende voorwaarden van toepassing : een persoonsgebonden budget wordt alleen verstrekt ten aanzien van individuele voorzieningen; de omvang van het persoonsgebonden budget wordt, met uitzondering van het persoonsgebonden budget voor vergoeding van een arbeidsverhouding als bedoeld in artikel 5 lid 2 van de Wet op de loonbelasting 1964, afgeleid van de tegenwaarde van de in de betreffende situatie te verstrekken voorziening in natura, indien noodzakelijk aangevuld met een vergoeding voor instandhoudingkosten, zoals vastgelegd in het Besluit; de wijze waarop het persoonsgebonden budget wordt vastgesteld wordt door het college vastgelegd in het Besluit; op het persoonsgebonden budget is de Overeenkomst persoonsgebonden budget gemeente Uitgeest van toepassing. De toekenning, de omvang en de looptijd van het te verstrekken persoonsgebonden budget worden bij beschikking vastgesteld. Bij de beschikking wordt een programma van eisen verstrekt waarin aangegeven is aan welke vereisten de met het persoonsgebonden budget te verwerven voorziening dient te voldoen. Na verzending van de beschikking wordt het persoonsgebonden budget ter beschikking gesteld door storting op de door de aanvrager opgegeven (post)bankrekening, tenzij hiertegen overwegende bezwaren staan. Het college gaat steekproefsgewijs na of het verstrekte persoonsgebonden budget besteed is aan het doel waarvoor het verstrekt is. De budgethouder is verplicht de daarvoor noodzakelijke stukken, zoals genoemd in het Besluit, op verzoek van het college per omgaande te verstrekken. Na ontvangst van de in het vijfde lid bedoelde stukken wordt door het college beoordeeld of er aanleiding bestaat het persoonsgebonden budget geheel of ten dele terug te vorderen of te verrekenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel