Naar hoofdinhoud
Het toepassen van grond en baggerspecie als bodem is toegestaan indien het een functionele en nuttige toepassing betreft in een hoedanigheid en in een hoeveelheid die nodig is voor de toepassing. Artikel 5 van het Besluit bodemkwaliteit geeft aan wat een nuttige toepassing is. Artikel 35 van het Besluit bodemkwaliteit geeft een overzicht van de toepassingen die als nuttig beschouwd worden. Een aantal zijn hieronder genoemd: Toepassen van grond of baggerspecie in bouw- en wegconstructies, waaronder ook worden begrepen wegen, spoorwegen en geluidswallen; Ophoging van industrieterreinen, woningbouwlocaties, landbouw- en natuurgebieden met het oog op het verbeteren van de bodemgesteldheid; Afdekken van saneringslocaties; Verspreiden van baggerspecie op het aangrenzend perceel; Tijdelijke opslag van grond en baggerspecie met als doel het op een later tijdstip nuttig toe te passen. Nuttig en functioneel toepassen betekent ook dat niet meer materiaal mag worden toegepast dan nuttig of nodig is en bovendien moet de toepassing een duidelijk nut of noodzaak voor de locatie hebben. Het is bijvoorbeeld niet toegestaan om een geluidswal aan te leggen in een gebied waar dit niet nodig is, of die hoger is dan nodig om het geluid te weren. Als geen sprake is van een nuttige toepassing, dan wordt de toepassing gezien als een middel om zich te ontdoen van afvalstoffen en gelden op grond van de Europese Kaderrichtlijn afvalstoffen strengere regels.

Rechtspraak bij dit artikel