Het klimaat is aan het veranderen. Dat leidt o.a. tot zwaardere buien, een toename van warme dagen en langdurig droge perioden en een verandering van de biodiversiteit. Deze verandering stelt nieuwe eisen aan het watersysteem, de waterketen en de omgeving willen we droge voeten houden en een leefbare omgeving behouden. Het is van belang om ons goed voor te bereiden op het veranderende klimaat. Inspelen op extremen in het weer is een vereiste. We maken Breda klaar voor de komst van meer water, hogere temperaturen en droogte. Door dit aanpassingsvermogen blijft Breda een veilige en gezonde gemeente voor ons allemaal.
Ambitie
Rijk en decentrale overheden hebben met betrekking tot klimaatadaptatie afgesproken zich tijdig aan te passen aan de (versnelde) klimaatverandering om kansen te pakken en de schade te beperken. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust ingericht. Daarvoor moeten in 2020 alle sectoren klimaatbestendig handelen. We zijn als Breda hierin koploper en willen dit ook blijven.
Strategie
We voeren een stresstest wateroverlast uit
Om inzicht te krijgen in (potentiële) knelpunten met betrekking tot wateroverlast voeren we in 2019 een stresstest wateroverlast uit, eventueel in samenwerking met de waterpartners van waterkring de Baronie. Samen met de reeds uitgevoerde stresstest waterveiligheid van waterschap Brabantse Delta en deels uitgevoerde en nog uit te voeren stresstesten hitte en droogte (zie Ruimtelijk Adaptatieplan) ontwikkelen we een beeld van urgentie en belanghebbende partijen met wie we in 2020 de klimaatadaptatiedialoog willen aangaan om samen een start te kunnen maken met een adaptatiestrategie en bijbehorend uitvoeringsprogramma. We beschouwen de extremen steeds meer als het nieuwe normaal en calculeren geleidelijk de kosten daarvan in.
We integreren klimaatadaptatie in onze ruimtelijke processen
Om klimaatadaptatie in de verschillende sectoren te integreren beschouwen we het onderwerp klimaatbestendigheid in beleidsthema’s en plannen voor herstedelijking en sturen daar op. Bijvoorbeeld door in plannen of beleidstukken een hoofdstuk(je) klimaatadaptatie op te laten nemen. We sturen op het pakken van kansen met ruimte voor water in combinatie met o.a. natuurontwikkeling en de ecologische hoofdstructuur.
Minder verharding en meer groen, het mes snijdt aan meerdere kanten
We versterken en benutten de natuurlijke veerkracht
We zien klimaatadaptatie als een kans om Breda en het ommeland vorm te geven. Klimaateffecten kunnen we opvangen door de natuurlijke veerkracht te versterken en te benutten. We nemen klimaatadaptatie integraal mee in de analyse van water, bodem, natuur en sociaaleconomische ontwikkelingen en doelen. Bijvoorbeeld in de vorm van klimaatateliers met partijen uit de regio. De nadruk ligt hierbij op het proces en het gezamenlijk bespreken en duiden van de opgaven.
We koppelen mee met andere ingrepen in de openbare ruimte
Omdat de ondergrondse afvoercapaciteit nooit voldoende zal zijn om elke willekeurige bui probleemloos te verwerken we het overtollige regenwater bovengronds. Dit schept tevens nieuwe kansen voor het verbeteren van onze leefomgeving. We benutten daarom de komende planperiode rioolververbetering voor het pakken van kansen om een bijdrage te leveren aan de groene hoofdstructuur, de energietransitie en klimaatadaptatie. De restlevensduur van de riolering bepaalt onze houding ten opzichte van een opgave in de openbare ruimte (leidend-volgend-niets doen). Zie hiervoor paragraaf 4.6 (Instandhouden riolering).
We streven naar een evenementenkwaliteit water in de singels
Door klimaatverandering zal de behoefte aan verkoeling toenemen en hiermee ook het recreatief gebruik van stadswateren in de vorm van evenementen. Het zou mooi zijn als we voor dergelijke evenementen zwemwater kunnen garanderen, maar dat is voorlopig nog niet haalbaar zolang er nog bronnen van vervuiling zijn. Wel kunnen we streven naar een betere waterkwaliteit om het gebruik van de openbare ruimte te bevorderen. Om een kwaliteitsstap te kunnen maken (naar een evenementenkwaliteit water) is systeembegrip nodig. Dit systeembegrip willen we verkrijgen door te meten en te monitoren. Een beter systeembegrip draagt ook positief bij aan het bereiken van andere maatschappelijke doelen. Zo levert het een meer betrouwbare basis voor het bepalen van klimaatadaptieve verbetermaatregelen en meer duurzame maatregelen (RWZI als energie- en grondstoffenfabriek). Ook leidt het tot meer kosteneffectieve verbetermaatregelen in het kader van de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) en het programma Schone Maaswaterketen. In 2018 is hiertoe al een eerste verkenning uitgevoerd. We willen samen met waterschap Brabantse Delta een vervolg geven aan deze verkenning in de vorm van onderzoek om op basis van het verhoogde inzicht effectiever in te kunnen grijpen bij het verwezenlijken van deze ambitie.
We sturen op robuuste groen-blauwe maatregelen
Naarmate we meer water en groen in de openbare ruimte creëren nemen ook de daarbij behorende risico’s toe. Denk hierbij aan blauwalgen, verdrinkingsgevaar, exoten, ratten etc. Het omgaan met dergelijke risico’s vraagt naast aandacht ook inzet van specifieke kennis en expertise in de aanlegfase. We denken er daarom in het initiatief- en ontwerpstadium al goed over na en ontwikkelen onze kennis en kunde verder om actief te kunnen sturen op een gezonde leefomgeving.
Als gemeente Breda zijn we voorstander van meervoudig ruimtegebruik. Hierbij geldt dat we steeds een afweging maken tussen de verschillende belangen. Waterberging in parkeergarages is een mogelijke toekomstige gebiedsgerichte oplossing, maar vooralsnog focussen we op het combineren van groen-, speel- en sportvoorzieningen en wegen.
We reserveren budget om de assets zodanig te kunnen beheren dat de risico’s te overzien en beheersbaar blijven. We leggen aan de buurtbewoners uit dat aan een gezonde leefomgeving met meer water en/of groen ook risico’s kleven. We communiceren deze risico’s, stellen informatie beschikbaar en wijzen op bijbehorend gewenst gedrag. Mensen kunnen bijvoorbeeld een bijdrage leveren door bijvoorbeeld niet overmatig eenden en vissen te voeren, geen etensresten achter te laten in het groen, niet te zwemmen op risicolocaties en kinderen te wijzen op verdrinkingsgevaar etc.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.2