Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.1

Onderzoek

Onderdeel van Beleidsregels Jeugdhulp gemeente Oldambt 2019

In zijn richtinggevende uitspraak van 1 mei 2017 heeft de Centrale Raad van Beroep aangegeven welke volgorde de gemeente dient te hanteren in haar onderzoek naar de vraag of jeugdhulp nodig is (ECLI:NL:CRVB:2017:1477). Deze volgorde is dwingend en wordt hier daarom puntsgewijs opgesomd. Er moet eerst vastgesteld worden wat de hulpvraag van de jeugdige of zijn ouders is. Vervolgens wordt er vastgesteld of er sprake is van opgroei- of opvoedingsproblemen, psychichische problemen en stoornissen, en zo ja, welke stoornissen dat zijn. Eerst wanneer de problemen en stoornissen zijn vastgesteld, kan worden bepaald welke hulp naar aard en omvang nodig is voor de jeugdige. In vierde instantie moet worden onderzocht of en in hoeverre de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouders en van het sociale netwerk toereikend zijn om zelf de nodige hulp en ondersteuning te bieden. Voor zover het onderzoek naar de nodige (jeugd)hulp specifieke deskundigheid vereist zal een specifiek deskundig oordeel en advies onderdeel van het onderzoek uitmaken. De discipline van deskundigheid zal ook kenbaar moeten zijn voor de hulpvrager. In laatste instantie komt dan aan de orde in welke vorm de jeugdhulp moet worden verstrekt, in natura of als een persoonsgebonden budget. Dit vereist opnieuw een onderzoek. Dit hele proces wordt vastgelegd in het verslag van het onderzoek. Dit verslag wordt zowel door het college als door de jeugdige en of ouders getekend waarna zij een duplicaat van het verslag ontvangen. Het verslag bevat dus de totale situatieschets rondom de jeugdige en zijn hulpbehoefte. Als de hulpbehoefte wijzigt dan kan er een nieuw onderzoek gedaan worden met bijpassend verslag. Voor algemene regels met betrekking tot het onderzoek moeten we weer kijken naar de Algemene wet bestuursrecht. In artikel 3:2 van de Algemene wet bestuursrecht staat dat bij de voorbereiding van een besluit het college de nodige kennis over de relevante feiten en af te wegen belangen vergaart. Het college dient in dit onderzoek een actieve houding in te nemen en dient zorgvuldig te werk te gaan.Dat resulteert dan in een goed gemotiveerd besluit (artikel 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel