**1..** Binnen de doelstelling van het vorige artikel verricht de RDWI als basispakket de daarop gerichte beleids- en uitvoerende taken voor de deelnemers in het kader van de aan die deelnemers opgedragen of in de toekomst op te dragen taken zoals opgenomen in de Wet invoering Participatiewet, de Participatiewet, de Wet sociale werkvoorziening, de Wet Inburgering, de Wet schuldsanering natuurlijke personen en alle overige op voornoemde algemeen verbindende voorschriften gebaseerde of daarmee samenhangende regelingen.
**2..** De raden en de colleges van burgemeester en wethouders dragen hun bevoegdheden op grond van die wetten en regelingen over aan de betreffende bestuursorganen van de RDWI.
**3..** In het verband met de in het vorige lid bepaalde overdracht kunnen de deelnemers, om lokale accenten te kunnen aanbrengen, voorbehouden maken met betrekking tot de overdracht van bevoegdheden omtrent het minimabeleid en overige onderdelen uit die wetten en regelingen.
**4..** De deelnemers kunnen afzonderlijk besluiten die taken en bevoegdheden als pluspakket op- of over te dragen aan de betreffende bestuursorganen van de RDWI. Over deze pluspakket-taken worden met de RDWI afzonderlijke afspraken voor de te verlenen diensten, prestaties en de financiering ervan gemaakt.
**5..** Met betrekking tot de uitvoering van de in de leden 1 en 2 van dit artikel overgedragen bevoegdheden en de uitoefening van de daarop gebaseerde taken worden door de deelnemers periodiek beleidskaders en beleidsprioriteiten geformuleerd. Hiervan afgeleid worden door de deelnemers in overleg met de RDWI prestatieafspraken opgesteld.
**6..** Met betrekking tot een bedrijfsmatige uitvoering van de taken, zoals vermeld in het eerste lid, hebben het algemeen bestuur en/of het dagelijks bestuur van de RDWI, ieder slechts ten aanzien van de eigen bevoegdheden, de bevoegdheid deel te nemen aan een of meer gemeenschappelijke regelingen op grond van de Wet.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4.