De uitdagingen die naar voren komen in de tussenevaluatie van de Jeugdwet, het eindrapport van de Transitieautoriteit Jeugd en het actieplan Jeugdhulp zien we terug in de ontwikkelingen en verbeteringen in de Leidse regio.
We concluderen dat het kind en het gezin nog niet altijd centraal staan bij de hulp en ondersteuning. Zo wordt er tijdens de hulp en ondersteuning nog te weinig gekeken naar factoren in de directe omgeving van het kind. Cliënten geven aan deze bredere blik op hulp en ondersteuning wel te wensen. Ook staan regels, procedures en geldstromen nog te vaak centraal in plaats van het kind en het gezin.
We concluderen dat er relatief vaak specialistische hulp en ondersteuning wordt ingezet, terwijl dit niet altijd nodig 12 Het woord ‘onnodig’ duidt niet op het feit dat de jeugdige of het gezin geen hulp nodig heeft. Het gaat erom dat alternatieve oplossingen beschikbaar zijn in het voorliggende veld of door vroegsignalering. Specialistische hulp is hierdoor niet altijd nodig. lijkt te zijn. Zo wordt er in de Leidse regio meer gebruik gemaakt van jeugdhulp dan landelijk gemiddeld. Dit terwijl op basis van de demografische gegevens en ontwikkelingen een lager percentage dan landelijke gemiddeld verwacht zou worden. Daarnaast geven jeugdhulpaanbieders aan dat ze nog te veel onnodige verwijzingen ontvangen en wordt het voorliggende veld nog onvoldoende benut om (laagdrempelige) hulp en ondersteuning te bieden.
We concluderen dat hulp en ondersteuning nog te ver weg van het kind geboden wordt; denk bijvoorbeeld aan onnodige verwijzingen naar specialistische jeugdhulp of aan handelen vanuit procedures, regels en geldstromen in plaats vanuit de leefwereld van het kind en het gezin. De huidige manier van samenwerken maakt het nog niet voldoende mogelijk om hulp en ondersteuning dicht bij het gezin te organiseren.
Voortvloeiend uit deze conclusies zien wij voor ons als gemeente ook een grote opdracht om integraal te werken en te ontschotten. Wij werken en denken nog te veel vanuit de verschillende domeinen; denk hierbij o.a. aan de schotten tussen de domeinen jeugdhulp, maatschappelijke ondersteuning, werk en inkomen. Met name bij de doelgroep 18- / 18+ is het wenselijk om een vloeide lijn te kunnen bewandelen als dat nodig is.
Deze conclusies zijn verwerkt in de visie (hoofdstuk 3), de randvoorwaarden (hoofdstuk 4) en het opdrachtgeverschap (hoofdstuk 5).
Hoofdstuk 2
Artikel 2.4