1. In afwijking van het gestelde in artikel 13 van de Algemene subsidieverordening Almere 2011 levert houder het volgende aan:
a. een rapportage bezette kindplaatsen op peildatum 1 januari van het jaar volgend op het subsidiejaar met uiterste aanleverdatum 15 januari van het jaar volgend op het subsidiejaar.
b. desgevraagd een tussentijdse rapportage lopende het subsidiejaar.
2. Voor deze rapportages gebruikt houder het format dat daarvoor door de Gemeente is opgesteld. Een verantwoording die niet compleet wordt aangeleverd kan gevolgen hebben voor de vaststelling van de subsidie.
3. In afwijking van de artikelen 16 en 18 van de Algemene subsidieverordening Almere 2011 levert houder op uiterlijk 1 mei van het jaar volgend op het subsidiejaar een eindrapportage aan het college aan, middels het Format ‘Eindrapportage subsidie Voorschoolse educatie Almere’.
4. Voor subsidies van € 125.000 - en hoger dient de eindrapportage voorzien te zijn van een controleverklaring. De controle van de accountant dient te voldoen aan de richtlijnen uit het nog te verschijnen gemeentelijke accountantsprotocol.
5. Voor subsidies tot € 125.000 geldt dat het college bij houder nadere gegevens kan opvragen dan wel in de administratie kan controleren om de rechtmatigheid van de besteding van de subsidie conform de opgelegde voorwaarden te controleren. Daartoe is houder verplicht het college desgewenst inzage te geven in diens administratie betreffende onder meer:
a. Inkomensverklaringen of andere bewijzen hoogte gezinsinkomen;
b. verklaringen Geen recht op kinderopvangtoeslag (zie Bijlage 1) van ouders;
c. plaatsingsovereenkomst waaruit aantal uren, soort kindplaats, ouderbijdrage en start- en (verwachte) einddatum blijken.
d. VVE-indicaties, afgegeven door de JGZ, voor plaatsingen van kinderen met een VVE- indicatie.
Artikel 13.
Verantwoording subsidie
Onderdeel van Nadere regels subsidie Voorschoolse educatie Almere 2020-2022