Ten aanzien van een maatwerkvoorziening geldt dat een klant alleen hiervoor in aanmerking komt als:
a. de noodzaak tot ondersteuning voor de klant redelijkerwijs niet vermijdbaar was, en;
b. de voorziening voorzienbaar was, maar van de klant redelijkerwijs niet verwacht kon worden maatregelen te hebben getroffen die de hulpvraag overbodig had gemaakt.
Artikel 6.
Aanvullende criteria voor een maatwerkvoorziening Wmo
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en jeugdhulp Veere 2020