Indien in een week langer wordt gewerkt dan de formele arbeidsduur, dan ontstaat een positief spaarsaldo. Deze uren worden spaaruren genoemd. Deze worden door de medewerker wekelijks opgevoerd in de verlofmodule. Wordt er korter gewerkt, dan worden deze uren in mindering gebracht op het aantal spaaruren.
Het overschot en het tekort aan spaaruren mag maximaal de formele arbeidsduur per week zijn.
Een tekort van meer dan de formele arbeidsduur per week wordt beschouwd als ongeoorloofd verlof en zal van de verlofkaart worden afgeschreven.
Bij een overschot van meer dan de formele arbeidsduur per week vervalt het meerdere, tenzij met de leidinggevende anders is overeengekomen.
Bij voorzienbaarheid van een overschot neemt de medewerker het initiatief tot een overleg met de leidinggevende. Ook de leidinggevende kan het gesprek initiëren.