De zorg voor een kind kan zo zwaar worden dat van overbelasting sprake is. Klachten en symptomen die op overbelasting kunnen wijzen, zonder dat van een stoornis in psychiatrische zin sprake hoeft te zijn, zijn:
angst of gespannenheid;
depressie;
gedragsproblemen;
lichamelijke klachten, verminderde prestaties of concentratieproblemen.
In de meeste gevallen is het inzetten van jeugdhulp, voor het gedeelte van de zorg die de gebruikelijke zorg overstijgt, voldoende om deze overbelasting te voorkomen. Maar soms blijkt dit niet voldoende te zijn. De gebruikelijke zorg kan dan gedeeltelijk of zelfs geheel geïndiceerd worden.
Het college bepaalt of er sprake is van overbelasting voordat wordt bepaald of er sprake is van gebruikelijke zorg.
Het college kan jeugdhulp inzetten wanneer degenen van wie wordt verwacht dat zij gebruikelijke zorg leveren, overbelast dreigen te raken of zijn (geraakt) en niet meer in staat zijn de gebruikelijke zorg te leveren. Steeds moet duidelijk zijn hoe de overbelasting zich uit en wat deze inhoudt. De met de overbelasting gepaard gaande klachten moeten duidelijk beschreven worden.
Naast de aard en ernst van de overbelasting wordt ook onderzocht of deze komt doordat er iets met de gebruikelijke zorger zelf aan de hand is (draagkracht vermindering) en/of dat deze gevolg is van de ernst van de ziekte van het kind of de partner (draaglast verhoging).
Het college kan medisch advies opvragen om te kunnen beoordelen of er sprake is van overbelasting.
Bij overbelasting door een dienstverband van te veel uren of als gevolg van spanningen op het werk, zal de oplossing in de eerste plaats gezocht moeten worden in minder uren gaan werken of aanpak van de spanningen op het werk. Steeds zal daarom in het ondersteuningsverslag worden aangegeven dat, wanneer de overbelasting bijvoorbeeld door het herinrichten van het huiselijk leven en/of werk kan worden teruggedrongen, dit dan ook van een ouder wordt verwacht. Wanneer de geldigheidsduur van de indicatie verlopen is en een herindicatie wordt aangevraagd, zal worden gekeken of en welke inspanningen zijn gedaan om de overbelasting terug te dringen.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2
Richtlijn bij (dreigende) overbelasting
Onderdeel van Nadere regels Jeugd Krimpenerwaard