1. De in artikel 16, vijfde lid, van deze verordening bedoelde gedenktekens of beplantingen worden geacht voor rekening en risico van de rechthebbende of gebruiker te zijn aangebracht.
2. De rechthebbende of gebruiker is verplicht de – door welke omstandigheden ook – daaraan
toegebrachte schade op eerste aanschrijven te herstellen, indien de beschadiging zodanig is dat
deze naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt.
3. Indien binnen 3 maanden na de dag van aanschrijving geen herstel of vernieuwing heeft
plaatsgevonden, is het college van burgemeester en wethouders bevoegd tot verwijdering en
vernietiging van het gedenkteken en/of de beplanting over te gaan, waarbij onverlet het recht van het college van burgemeester en wethouders tot herstel of vernieuwing op kosten van de rechthebbende of gebruiker over te gaan.
4. Schade als gevolg van brand, vandalisme, vorst, wateroverlast en andere van buiten komende
oorzaken en eventuele gevolgschade voor derden, ten aanzien van de op een graf aanwezig
monument, grafsteen, zerk of andere gedenktekens, beplanting en voorwerpen is voor rekening en risico van de rechthebbende of gebruiker.
5. Indien een gedenkteken naar het oordeel van de beheerder een gevaar voor bezoekers of
buurgraven vormt, kan het direct worden verwijderd, zonder dat de rechthebbende of gebruiker enig recht op schadevergoeding kan doen gelden.
6. Schade als gevolg van het afnemen en herplaatsen van een monument, grafsteen, zerk of een
ander gedenkteken respectievelijk afdekplaat of van heesters of andere beplanting ten behoeve van een begraving van een lijk of de bijzetting van een urn in een graf waarvoor een uitsluitend recht is verleend of een bestaand familiegraf of de bijzetting van een urn in een bestaand urnengraf is voor risico van de rechthebbende of gebruiker.
7. Een rechthebbende of gebruiker is verplicht te gedogen dat het op een graf aanwezige monument, grafsteen, zerk of andere gedenktekens, beplanting en voorwerpen vanwege de gemeente door en voor haar rekening en risico tijdelijk geheel of gedeeltelijk wordt verwijderd en herplaatst, indien dit voor een begraving of bijzetting in de nabijheid van het graf of om een andere reden nodig is.
Hoofdstuk 8
Artikel 17
.
Onderdeel van Verordening op het gebruik en het beheer van de gemeentelijke begraafplaatsen in de gemeente Twenterand 2013