**1..** Een deelnemer kan uittreden uit de regeling.
**2..** Gedurende 3 jaren na de datum van toetreding tot de regeling is het niet mogelijk om uit deze gemeenschappelijke regeling te treden.
**3..** Voor uittreding uit deze gemeenschappelijke regeling wordt een opzegtermijn van tenminste één jaar in acht genomen.
**4..** Uittreding uit deze gemeenschappelijke regeling vindt plaats aan het einde van het kalenderjaar.
**5..** Een deelnemer die uit deze gemeenschappelijke regeling wenst te treden maakt, na verkregen toestemming van het algemeen bestuur dan wel de gemeenteraad, zijn voornemen tot uittreding bij aangetekend schrijven kenbaar aan het algemeen bestuur van BSR en aan de overige deelnemers. De deelnemers besluiten omtrent de uittreding na verkregen toestemming van het algemeen bestuur dan wel de gemeenteraad.
**6..** Na ontvangst van het in lid 5 van dit artikel vermelde schrijven wordt een in overleg met de uittredende deelnemer aan te wijzen onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend een liquidatieplan op te stellen als ware tot opheffing van deze gemeenschappelijke regeling besloten. Het liquidatieplan wordt vastgesteld door het algemeen bestuur van BSR en de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen zijn bindend.
**7..** Nadat het liquidatieplan is vastgesteld is de uittredende deelnemer gehouden om binnen 6 maanden de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen aan BSR te voldoen.
**8..** De kosten voor het opstellen van het liquidatieplan komen voor rekening van de deelnemer die het voornemen heeft om uit te treden.