Een cliënt kan in aanmerking komen voor en woonvoorziening en/of een woningaanpassing, welke is goedgekeurd door de bouwdeskundige, als de cliënt:
blijvende aantoonbare beperkingen heeft bij het normaal gebruik van zijn woning, én
aantoonbaar redelijkerwijs al het mogelijke heeft gedaan om een geschikte woning te vinden en/of;
de woningaanpassing langdurig nodig heeft en verhuizing niet mogelijk is of niet de goedkoopst adequate voorziening is en/of;
de aanpassing nodig heeft om de noodzakelijke gebruiksruimten te bereiken gericht op het normale gebruik van de woning
een op basis van aantoonbare beperkingen aanwezige gedragsstoornis heeft, met ernstig ontremd gedrag tot gevolg, waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon tot rust kan komen.
Het college neemt de volgende kosten in mee bij de vaststelling van de maatwerkvoorziening of het voor een woningaanpassing:
de aanneemsom (hierin begrepen de loon- en materiaalkosten) voor het treffen van de voorziening;
de leges voor zover deze betrekking hebben op het treffen van de voorziening;
de door het college (schriftelijk) goedgekeurde kostenverhogingen, die ten tijde van de raming van de kosten redelijkerwijs niet voorzien hadden kunnen zijn;
de kosten in verband met noodzakelijk technisch onderzoek en adviezen met betrekking tot het verrichten van de aanpassing;
de kosten van aansluiting op een openbare nutsvoorziening.
de kosten voor het opstellen van de offertes van genodigde partijen.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.2.
Artikel 5.1
Criteria woonvoorzieningen en woning aanpassingen
Onderdeel van Nadere regels maatschappelijke ondersteuning 2020