Naar hoofdinhoud
1.. Van een ieder die werkzaam is binnen of voor de gemeentelijk organisatie wordt verwacht dat hij op geen enkele wijze onderscheid maakt in de behandeling van enig ander op grond van ras, huidskleur, afkomst, nationale of etnische afstamming, godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, geslacht, hetero- of homoseksuele gerichtheid, leeftijd, naam, handicap of chronische aandoening, politieke gezindheid, arbeidsrelatie (part- of fulltime), burgerlijke staat of welke grond dan ook. 2.. Wanneer iemand wordt behandeld in strijd met het bepaalde in lid 1 van artikel 1, is er sprake van discriminatie.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel