Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op oninbaarheid van de openstaande vorderingen.
Voor openstaande vorderingen betreffende opgelegde heffingen en bijstandsverstrekking wordt een voorziening gevormd ter grootte van een berekening op basis van ouderdomsanalyse.