**1..** Het college besluit ambtshalve tot kwijtschelding in de volgende gevallen:
Geheel of gedeeltelijke kwijtschelding van bedrijfskapitaal is wettelijk mogelijk in die gevallen zoals beschreven in artikel 42, 43 en 43 a t/m d Bbz 2004. Indien dit niet mogelijk is zijn de beleidsregels van toepassing.
Bij toepassing van artikel 43 lid 2 Bbz 2004 kan besloten worden de termijn van 60 maanden aflossen, alvorens tot kwijtschelding overgegaan kan worden, met nog eens 60 maanden te verlengen indien er sprake is van verplichtingen aan bijvoorbeeld andere schulden. Na voldoen aan de verplichtingen kan tot kwijtschelding worden overgegaan.
Indien bedrijfskapitaal verstrekt is volgens de artikelen 22 of 26 Bbz 2004 en dit volgens artikel 3 Bbz 2004 niet “om niet” verstrekt kan worden, bedraagt de terugbetalingsperiode maximaal 10 jaar na beëindiging van de uitkering op grond van het Bbz 2004. Deze termijn kan na schriftelijk verzoek met maximaal 3 jaar worden verlengd. Na het voldoen aan de afgesproken aflossingsbedragen kan het restant worden kwijtgescholden.
Er geen sprake is van vermogen waarmee de vordering geheel of gedeeltelijk kan worden voldaan.
Als alle zekerheden zijn uitgewonnen.
** 2. .** Het college gaat niet over tot kwijtschelding als er sprake is van dwanginvordering.
Hoofdstuk
Artikel 11.