In afwijking van artikel 2, onderdeel d, vindt in de volgende gevallen geen brutering van de vordering plaats:
Er is nog verrekening mogelijk van de ten onrechte betaalde belastingen en premies met de afdrachten aan de Belastingdienst en het UWV.
De reden voor terugvordering is in de loop van het jaar ontstaan en het college heeft nagelaten belanghebbende hiervan tijdig in kennis te stellen, waardoor deze niet meer in staat was de vordering binnen het kalenderjaar terug te betalen.
Belanghebbende kan ter zake van het ontstaan van de schuld geen verwijt worden gemaakt en hem kan ook niet worden verweten dat de schuld niet binnen het betreffende boekjaar is terugbetaald.
HOOFDSTUK 2.
Artikel 4.