1.. De fracties besteden de tegemoetkoming ten behoeve van hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol. Uitgangspunt is daarbij soberheid en doelmatigheid.

2.. De tegemoetkoming mag niet worden gebruikt ter bekostiging van:

  • - uitgaven in strijd met wettelijke bepalingen en overige regelingen;
  • - uitgaven, inclusief die ter voldoening van contributie aan politieke partijen, dan wel met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten en/of goederen) geleverd ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde, reële declaratie of arbeidsovereenkomst;
  • - uitgaven waarvoor op grond van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden aanspraak op vergoeding bestaat;
  • - uitgaven aan raadsleden voor werkzaamheden die zij anderszins in opdracht van een fractie verrichten;
  • - uitgaven ten behoeve van bedrijven of instellingen, waarover raadsleden middellijk of onmiddellijk zeggenschap hebben;
  • - giften en leningen, beleggingen en voorschotten;
  • - buitenlandse reizen;
  • - verkiezing of herverkiezing van raadsleden;
  • - een pensioenvoorziening voor medewerkers van een fractie die hoger is dan de ABP norm.

3.. Onder uitgaven als bedoeld in het tweede lid onder b worden niet begrepen die uitgaven, die voor meer dan 50% in het belang zijn van de fractie, zogenaamde gemengde kosten.