Indien de belanghebbende niet voldoet aan de aan de geldlening verbonden verplichtingen wordt hij ineens opeisbaar. Het college vordert de geldlening in dat geval terug op grond van artikel 58, lid 2 onderdeel b Participatiewet. Alsdan gelden de bepalingen van hoofdstuk 1 en 2 van deze beleidsregels
Het college vordert het bedrijfskapitaal, dat is toegekend op grond van artikel 20 en 24 Bbz 2004, terug als de zelfstandige ook na een tweede aanmaning niet aan zijn betalingsverplichting voldoet.
Hoofdstuk 4 - Bijstand in de vorm van een geldlening
Artikel 27 - Opeisbaarheid van de lening