Het college ziet af van verhoging van de vordering als bedoeld in artikel 58 lid 5 Participatiewet dan wel artikel 25 lid 5 IOAW en artikel 25 lid 5 IOAZ, indien:
de vordering is ontstaan buiten toedoen van belanghebbende dan wel
hem niet kan worden verweten dat de betaling van de schuld niet kon worden voldaan in het kalenderjaar waarop deze betrekking heeft.
Hoofdstuk 2 - Terugvordering en invordering
Artikel 3 - Afzien van brutering