Op grond van artikel 10 van de verordening wordt aan iedere uitkeringsgerechtigde, maximaal tweemaal per kalenderjaar, een premie verstrekt (ingevolge artikel 31 vijfde lid van de wet of artikel 2:8, eerste lid onderdeel b van het Algemeen inkomensbesluit sociale zekerheidswetten) van 10% van de (netto) inkomsten uit arbeid die op de uitkeringsnorm in mindering zijn gebracht. De premie wordt ambtshalve verstrekt in de maanden maart en september van elk kalenderjaar over de perioden van september tot maart en van maart tot september.
De premie is een individueel recht en geldt voor ieder van de in de gezinsbijstand begrepen personen vanaf 27 jaar.
Onder arbeid wordt mede begrepen werkzaamheden als zelfstandige, het verrichten van enige diensten of activiteiten, handel, werk in dienstbetrekking en gesubsidieerd werk.
Voor verzwegen inkomsten of inkomsten uit illegaal werk wordt geen premie verstrekt.
Hoofdstuk 6:
Artikel 11:
premie deeltijdwerk
Onderdeel van Re-integratiebesluit Participatiewet Midden-Groningen 2020