De doelgroep
(artikel 1.2 Wmo-verordening 2015)
De doelgroep van de Wmo-verordening 2015 bestaat uit Amsterdammers met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen. Ook mantelzorgers kunnen voor vormen van ondersteuning in aanmerking komen. Zij moeten dan mantelzorger zijn van een inwoner van de gemeente Amsterdam.
Voor opvang en beschermd wonen kunnen ook inwoners van andere gemeenten met een ondersteuningsvraag op dit gebied zich melden bij de gemeente Amsterdam. Andersom kunnen ook inwoners van de gemeente Amsterdam bij andere gemeenten terecht voor opvang en beschermd wonen.
De uitvoering van de taken op grond van de Wmo en van de aanpalende Jeugdwet (18-/18+) en Participatiewet wordt op elkaar afgestemd. Omdat de uitvoering van deze wetten vanaf 2015 bij de gemeente is belegd, kan de ondersteuning aan cliënten op deze gebieden, als er overlap is, beter op elkaar aansluiten. Hierbij staat het belang van de cliënt voorop. De gemeente houdt hierbij rekening met de begrenzingen die voortvloeien uit privacywetgeving. Hiervoor worden protocollen opgesteld.
Inhoud verordening
In de Wmo-verordening 2015 is de verantwoordelijkheid van de gemeente vastgelegd voor het ondersteunen van de zelfredzaamheid en participatie van mensen met een beperking, chronische psychische of psychosociale problemen (Zelfredzaamheid: In staat zijn tot het uitvoeren van de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen en het voeren van een gestructureerd huishouden. Participatie: Deelnemen aan het maatschappelijk verkeer). Die ondersteuning moet erop gericht zijn dat mensen zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kunnen blijven. Voor mensen met psychische of psychosociale problemen of voor mensen die, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, de thuissituatie hebben verlaten, voorziet de gemeente in de behoefte aan beschermd wonen en opvang.
In deze Nadere regels is het kader dat is vastgelegd in de Wmo-verordening 2015 verder uitgewerkt. In de verordening en ook in deze Nadere regels is daarbij een belangrijke rol weggelegd voor het proces om tot een oplossing te komen. Dit proces wordt beschreven in hoofdstuk 2.
Hoofdstuk
Artikel 1.3