Bij het bepalen van het bedrag voor het persoonsgebonden budget wordt onderscheid gemaakt tussen de verschillende categorieën hulp bij het huishouden. Voor categorie 1 (HH1) wordt een ander bedrag gehanteerd dan voor een categorie 2 (HH2) en voor de derde categorie (HH3) geldt weer een ander bedrag. Hiervoor is gekozen omdat aan de persoon die de hulp moet verrichten bij een hogere categorie ook meer eisen moeten worden gesteld, net zoals bij de verstrekking van hulp bij het huishouden in natura.
Bij een indicatie voor hulp bij het huishouden in de eerste categorie (HH1) kan met een persoonsgebonden budget de zogenaamde alfahulp (artikel 5, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964) worden vergoed.
De uitvoeringsorganisatie verstrekt bij hulp bij het huishouden een persoonsgebonden budget dat bepaald is aan de hand van de tarieven die van toepassing zijn bij zorg in natura. Voor de hoogte van de bedragen die per klokuur zijn vastgesteld voor het persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden, waaronder een vergoeding voor de alfahulp, wordt verwezen naar het Besluit.
Een persoonsgebonden budget wordt voor de eerste van een kwartaal (1 januari, 1 april, 1 juli, 1 oktober) overgemaakt. De verantwoording bij een persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden vindt plaats in uren. Dit betekent dat op het verantwoordingsformulier uitsluitend moet worden aangetoond dat het aantal toegekende uren hulp ook daadwerkelijk is ingekocht en bij wie dit is ingekocht. Het gaat dus niet om de verantwoording van het uitbetaalde bedrag. De verantwoording vindt plaats binnen 6 weken na afloop van een kwartaal.
Een persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden is uitsluitend bestemd voor in de woning waar de belanghebbende zijn hoofdverblijf heeft. De reden hiervan is dat de hoogte van de indicatie en daarmee de hoogte van het persoonsgebonden budget is afgestemd op deze woning en de leefeenheid. Bovendien geldt dat bij zorg in natura ook alleen in de woning waar de belanghebbende daadwerkelijk woont hulp wordt verstrekt. Aangezien het persoonsgebonden budget als alternatief voor zorg in natura wordt verstrekt, hanteert de uitvoeringsorganisatie hetzelfde uitgangspunt. Om deze reden wordt de belanghebbende bij de verantwoording gevraagd naar verblijf buiten de regio NWN.
Voor de belanghebbende met een indicatie voor hulp bij het huishouden in categorie 1 (HH1) bestaat de mogelijkheid om de bemiddeling en de loonbetaling uit te besteden bij de vergoeding van de zogenaamde alfahulp (artikel 5, eerste lid, van de Wet op de loonbelasting 1964). Daardoor kan iemand die reeds naar volle tevredenheid een alfahulp heeft, deze blijven behouden zonder dat zij geconfronteerd worden met de loonbetaling en de administratieve last van het beheren en verantwoorden van een persoonsgebonden budget. Maar ook iemand die de vrijheid wenst van het werkgever zijn, echter niet zelf op zoek wil naar een huishoudelijk hulp en niet de financiële en administratieve taken wil verrichten, kan van deze mogelijkheid gebruik maken.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.6