In artikel 20 sub c van de Verordening wordt bepaald dat geen tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten wordt verstrekt indien de belanghebbende (of iemand anders voor de belanghebbende) reeds een huurcontract of een voorlopig koopcontract heeft getekend voorafgaand aan de datum waarop de beschikking op de aanvraag is genomen, tenzij de uitvoeringsorganisatie hiervoor schriftelijk toestemming heeft verleend.
Deze weigeringgrond is opgenomen om te voorkomen dat achteraf, nadat een contract is getekend, of zelfs nadat is verhuisd, alsnog een aanvraag voor een verhuiskostentegemoetkoming ingediend kan worden. Het achteraf in aanmerking laten komen van een verhuiskostenvergoeding strookt ook niet met de achterliggende gedachte van de verhuiskostentegemoetkomingsregeling die immers in het leven is geroepen om een verhuizing mogelijk te maken indien er belemmeringen ondervonden worden in de oude woning die ofwel niet verminderd of weggenomen kunnen worden omdat de woonvoorzieningen niet gerealiseerd kunnen worden ofwel omdat de voorzieningen die getroffen dienen te worden om de woning adequaat te maken dermate hoog zijn, dat een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten de goedkoopst compenserende oplossing is. Een verhuiskostentegemoetkoming is zeker niet bedoeld als inkomenssuppletie achteraf.
Een verhuizing die plaatsvindt voordat beschikt is over een verhuiskostentegemoetkoming, maakt het onmogelijk om te beoordelen of in de verlaten woning belemmeringen zijn ondervonden. Een uitzondering kan gemaakt worden indien zich feiten en omstandigheden voor hebben gedaan of voordoen, die nopen tot afwijken hiervan, zoals bij tijdsdruk voor een verhuizing bij een acute lichamelijke beperking.
Onbekendheid van de wet- en regelgeving is geen reden om een uitzondering te maken. Aangezien hierover regelmatig wordt gepubliceerd, kan de belanghebbende op de hoogte zijn. Bovendien ligt het op de weg van de belanghebbende om zich te verdiepen in de voorwaarden die gelden om voor een verhuiskostentegemoetkoming in aanmerking te komen of, indien nodig, informatie op te vragen over de gang van zaken.
Ten behoeve van een zorgvuldige afhandeling van de aanvragen voor een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten, laat de uitvoeringsorganisatie de belanghebbende reeds op het aanvraagformulier aangeven of er al een woning geaccepteerd is. Hiermee wordt voorkomen dat een onnodig medisch onderzoek wordt gestart, waardoor er verwachtingen worden gewekt bij de belanghebbende.
Om te voorkomen dat men gedurende de lopende aanvraagprocedure een woning accepteert voordat de uitvoeringsorganisatie een beslissing heeft genomen op de aanvraag, wordt men in de ontvangstbevestiging op een aanvraag voor een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten geadviseerd om voor het tekenen van een huurcontract of een voorlopig koopcontract altijd contact op te nemen met de de uitvoeringsorganisatie. De uitvoeringsorganisatie heeft dan de mogelijkheid om te beoordelen of schriftelijk toestemming verleend moet worden om alvast de woning te mogen accepteren.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.3.2