Als het voor het bereiken van het resultaat noodzakelijk is dat er een aanbouw geplaatst wordt zal de uitvoeringsorganisatie allereerst beoordelen wat iemands mogelijkheden zijn om uit een oogpunt van kosten zelf in de compenserende voorziening te voorzien. Als het mogelijk is deze aanbouw zelf te financieren, bijvoorbeeld door een hypotheek op de woning te vestigen waarvan eventueel niet wordt afgelost, zodat de kosten beperkt blijven tot de rentekosten en waarop bij belastingaangifte renteaftrek mogelijk is, zal eerst naar deze mogelijkheid gekeken worden.
Indien de eigen (financiële) mogelijkheden beperkt zijn of er is sprake van een huurwoning, zal door de uitvoeringsorganisatie bekeken worden of een inpandige aanpassing mogelijk is, bijvoorbeeld in de situatie van een ruime benedenverdieping.
Wanneer het voor het bereiken van het resultaat noodzakelijk is dat er een aanbouw geplaatst wordt besluit de uitvoeringsorganisatie vanwege financieel-economische argumenten alleen tot een aanbouw als tevoren vast staat dat de aanbouw hergebruikt kan worden, zoals bij huurwoningen van woningcorporaties. Bij eigen woningen en bij woningen van particuliere verhuurders zal de kans op hergebruik miniem zijn. Daarom kiest de uitvoeringsorganisatie bij eigen woningen en woningen van particuliere verhuurders als het maar enigszins kan voor het plaatsen van een losse woonunit. Een losse woonunit is een herplaatsbare voorziening, met hierin een rolstoelgeschikte badkamer en/of een slaapkamer.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4.5