Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.3.3

Vaststellen overschot parkeercapaciteit op eigen terrein

Onderdeel van Kadernota Parkeernormen Dalfsen 2020

In de huidige situatie kan al sprake zijn van een overschot (of tekort) aan parkeerplaatsen op eigen terrein. Door middel van een parkeerbalans kan de initiatiefnemer aantonen dat sprake is van een overschot aan parkeerplaatsen. De parkeerbalans bestaat uit: parkeereis van de bestaande functie(s); aantal parkeerplaatsen in de huidige situatie; aantal parkeerplaatsen op eigen terrein. Bij het bepalen van het aantal parkeerplaatsen bij woningen moet rekening gehouden worden met de berekeningsaantallen van parkeerplaatsen op eigen terrein die zijn opgenomen in tabel 11. Als de parkeercapaciteit op eigen terrein groter is dan de huidige parkeereis is sprake van een overschot van parkeerplaatsen. Dit aantal parkeerplaatsen mag in mindering gebracht worden op de parkeereis. Een eventueel tekort aan parkeerplaatsen in de huidige situatie hoeft bij de verdere planontwikkeling niet gecompenseerd te worden. Berekeningsaantallen parkeerplaatsen op eigen terrein woning Parkeervoorzieningen op eigen terrein worden niet altijd als zodanig gebruikt. In de praktijk blijkt bijvoorbeeld dat garages naast woningen (vaak) een andere bestemming hebben gekregen (opslag, bijkeuken, slaapkamer of kantoor). Bij het bepalen van de parkeercapaciteit op eigen terrein worden daarom correctiefactoren toegepast. In de onderstaande tabel zijn de berekeningsaantallen voor de bepaling van het aantal parkeerplaatsen op eigen terrein bij woningen opgenomen. Tabel 11: Berekeningsaantallen parkeerplaatsen op eigen terrein Berekeningsaantal Ontwerpeis Woningen met garage 0,0 p.p. n.v.t. Woning met oprit 1,0 p.p. Oprit minimaal 6 meter diep en 2,5 meter breed Woning met carport 1,0 p.p. Carport minimaal 6 meter diep en 2,5 meter breed Woning met dubbele oprit naast elkaar 2,0 p.p. Oprit minimaal 6 meter diep en 5 meter breed Garagebox geclusterd 0,4 p.p. Minimaal 5 meter diep Rekenvoorbeeld 4: aanbod voor parkeerbehoefte op eigen terrein ln het voorbeeld hebben 15 woningen (categorie Koop, huis, twee-onder-een-kap) een garage met een oprit van 8 meter. Hier kunnen in theorie twee auto's op eigen terrein geparkeerd worden (waarvan 1 in de garage). De woningen zijn gelegen in het gebied ‘buitengebied’. In de ontwerptekeningen zijn daarnaast 7 parkeerplaatsen in de openbare ruimte ingetekend. Voor woningen (categorie koophuis, twee-onder-een-kap) dient volgens de CROW-kengetallen uit bijlage II een parkeernorm van 2,2 pp per woning te worden toegepast. De totale parkeereis van de 15 woningen bedraagt 33 parkeerplaatsen: (2,2 * 15)= 33 pp. Voor woningen met een oprit dient volgens tabel 11 voor de berekening van de parkeercapaciteit een correctiefactor van 1,0 pp te worden toegepast. Voor de 15 woningen bedraagt de parkeercapaciteit op eigen terrein dus 15 parkeerplaatsen: (15 * 1,0)= 15 pp. Het nieuwbouwplan dient dus in de openbare ruimte nog 18 parkeerplaatsen te realiseren om goedgekeurd te kunnen worden. In de ontwerptekeningen zijn nog maar 7 parkeerplaatsen in de openbare ruimte ingetekend. Om het plan goed te keuren zal dus nog ruimte moeten worden gezocht voor 11 extra parkeerplaatsen.

Rechtspraak bij dit artikel