De beeldkwaliteitsgebieden met bebouwing, die in het Beeldkwaliteitsplan van het beschermd dorpsgezicht zijn onderscheiden zijn in voorliggende notitie gegroepeerd tot 3 zones.

Beeldkwaliteits-gebieden

Het carré

De linten

Boeren erven buiten de dorpskom

Naoorlogse bebouwing

Individuele bouw

Sportveld

A

A

B

C

C

C

Beeldkwaliteitsgebieden

Zone A: Het Carré en de Linten

Het Carré en de Dorpsstraat vormen de meest gave delen van het beschermde dorpsgezicht. Hier zijn de gebouwen geconcentreerd, die in het beeldkwaliteitplan zijn aangeduid als “te behouden”. Langs de andere straten, die binnen de Linten liggen, zijn de “te behouden” gebouwen meer gespreid. Het dakenlandschap van deze waardevolle ensembles (het Carré en de Dorpsstraat) is het meest kritisch als het gaat om de toevoeging van zonnepanelen. De afstand t.o.v. de waarnemer is vaak kort, waardoor kenmerkende of waardevolle details goed zichtbaar zijn. Door de losse plaatsing van gebouwen binnen deze ensembles ontstaan onverwachte en steeds wisselende zichtlijnen die kenmerkend zijn voor (het historische en) beschermde karakter.

  • - Om bovenstaande redenen, zijn op gebouwen in het Carré en langs de Dorpsstraat geen zonnepanelen toegestaan. Wel mogen collectoren onder de dakbedekking worden geplaatst.
  • - Voor de overige gebieden binnen de Linten zijn zonnepanelen niet toegestaan op gebouwen van voor 1920. Voor gebouwen na 1920 zijn zonnepanelen mogelijk als ze voldoen aan de thematische criteria voor compositie en kleurstelling.

-

Zone B: Boeren erven buiten de dorpskom

Het zicht op boerderijensembles vanaf de essen vormt een kernwaarde. Deze ensembles staan zowel aan de rand van het dorp als erbuiten. De gebouwen van voor 1920 zijn het meest kritisch als het gaat om plaatsing van zonnepanelen. Daarom kan beter eerst worden gekeken naar de mogelijkheden, die jongere gebouwen bieden. Vaak zijn dit grotere volumes met meer eenduidige dakvlakken.

  • - Zonnepanelen tasten het silhouet van de boeren erven vanaf de essen zo min mogelijk aan, omdat deze op afstand gezien ondergeschikte toevoegingen zijn en de oorspronkelijke hoofdvorm en belijning van de kappen goed beleefbaar blijft.
  • - Op gebouwen van voor 1920 en op gebouwen, die in het beeldkwaliteitplan zijn aangeduid als “te behouden” worden geen zonnepanelen aangebracht. Wel mogen collectoren onder de dakbedekking worden geplaatst.
  • - Stallen en schuren met grotere, rechthoekige dakvlakken, gebouwd na 1920 zijn in het algemeen geschikt voor het plaatsen van zonnepanelen.
  • - Zonnepanelen op deze grote dakvlakken worden aangebracht in een patroon, dat de samenhang, de schaal en de belijning van het dakvlak ondersteunt. Met dit doel is afwijking van de thematische criteria mogelijk.

Zone C: Naoorlogse bebouwing, Individuele bouw, het Sportveld

  • - Op panden in de jongere woonbuurten Teeuwland, Krebbersstraat en de Mölle zijn zonnepanelen mogelijk als ze voldoen aan de bovengenoemde welstandscriteria.
  • - Voor de complexmatige woningbouw langs de Krebbersstraat geldt bovendien, dat er sprake is van eenheid en uniformiteit in de vormgeving en plaatsing van zonnepanelen op hoofdgebouwen. Dit is vereist voor de dakvlakken, die zichtbaar zijn vanaf de Dorpsstraat, de Pastorieweg en de Van Bevervoordestraat.
  • - Een rechthoekig vlak van twee rijen gematteerde, zwarte zonnepanelen mag worden geplaatst op één pan afstand van de dakgoot, met de korte zijde van de panelen evenwijdig aan de goot 2x4 of 2x5 panelen). Zonnecollectoren worden onder de dakbedekking geplaatst. In plaats van deze regels kunnen andere collectieve afspraken gemaakt worden, als die voldoen aan de hiervoor genoemde eis.
  • - De platte daken of gevels van de bebouwing bij het sportveld zijn zeer geschikt voor plaatsing van zonnepanelen.