**25.1.** Een persoon als bedoeld in artikel 1.1.g., onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 3.3.a., 3.3.b. en 3.6.c. bedoelde verplaatsingshulpmiddel in aanmerking worden gebracht indien beperkingen zittend verplaatsen in en om de woning noodzakelijk maken en hulpmiddelen die verstrekt worden op grond van de AWBZ of een andere wettelijke regeling geen adequate oplossing bieden.
**25.2.** Een persoon als bedoeld in artikel 1.1.g., onderdeel 5 en 6 van de wet kan voor de in artikel 3.4 bedoelde sportrolstoel voorziening in aanmerking worden gebracht indien beperkingen sportbeoefening zonder sportrolstoel onmogelijk maken.