Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2.

Begripsbepalingen

Onderdeel van Nadere regels Wet aanpak woonoverlast

In deze verordening wordt verstaan onder: Bestuurlijke maatregel: Een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang inhoudende een gedragsmaatregel; Ultimum remedium: Laatste redmiddel; Andere geschikte wijze(n): een andere maatregel die als doel heeft de beëindiging van de overlast zoals in gesprek gaan met overlastveroorzaker, de inzet van hulpverlening, bemiddeling of het waarschuwen van de overlastveroorzaker; Ernstige hinder: hinder die worden gezien als onredelijk en naar algemene maatstaven als onaanvaardbaar moet worden beschouwd Herhaaldelijke hinder: met de term ‘herhaaldelijk’ wordt bedoeld het vereiste dat de ernstige hinder een terugkerend karakter heeft (hetgeen niet noodzakelijkerwijze hetzelfde is als “ernstige hinder zonder onderbreking”); Woning of bij die woning behorend erf: de (recreatie)woning, de rest van het betrokken perceel zoals een tuin en de gezamenlijke ruimte binnen een wooneenheid zoals het portiek, het trappenhuis, de gezamenlijke buitenruimte, enzovoorts. Ook de directe omgeving van de woning of het bij die woning behorende erf, zoals de straat en stoep, valt hier onder; De gebruiker van de woning: De gebruiker hoeft geen huurrechtelijke of eigendomsrechtelijke relatie tot de woning te hebben en hoeft niet de rechtmatige bewoner van de woning te zijn. Ook een regelmatige gast, een (illegale) onderhuurder of een kraker van de woning valt onder het begrip gebruiker.

Rechtspraak bij dit artikel