De beheerder of beheerders verstrekt/verstrekken aan de secretaris of
aan degene die namens hem met het toezicht belast is, alle bescheiden en
inlichtingen die voor een goede vervulling van zijn taak noodzakelijk
zijn en verlenen de nodige medewerking om inzicht te verschaffen in de
ordening en toegankelijkheid van de archiefbescheiden alsmede in de
opzet en werking van hulpmiddelen en systemen waarin archiefbescheiden
zijn opgenomen.
De secretaris en degenen die hem bij de uitoefening van het toezicht
vervangen of bijstaan, hebben met inachtneming van de voorschriften ten
aanzien van de beveiliging van geheimen, toegang tot de
archiefbescheiden en de ruimten waarin deze zich bevinden.
Hoofdstuk 3
Artikel 11.