Naar hoofdinhoud
1. Het college kan tegemoet komen aan het verzoek van de subsidieontvanger door: a. toe te staan dat de gesubsidieerde activiteit later in 2021 en dus in een ander tijdvak dan waarvoor de subsidie oorspronkelijk is aangevraagd, wordt gehouden met behoud van de subsidie en onder de voorwaarden die bij de oorspronkelijke verstrekking gelden, of; b. de subsidie op basis van werkelijk gemaakte subsidiabele kosten tot maximaal het verstrekte subsidiebedrag af te rekenen, als de activiteit waarvoor de subsidie is verstrekt niet doorgaat. 2. Het college beoordeelt binnen zes weken of aan het verzoek tot tegemoetkoming kan worden voldaan. 3. Het college besluit schriftelijk tot de in lid 1 van dit artikel genoemde mogelijkheden.

Rechtspraak bij dit artikel