Naar hoofdinhoud
Nadat de termijn waarvoor de aanvraagprocedure is opengesteld is geëindigd, zal als er meer dan zeven aanvragen zijn ingediend, een trekking plaatsvinden van de ingediende aanvragen. Bij zeven of minder ontvangen aanvragen zullen alle aanvragen worden beoordeeld. De trekking zal in het openbaar plaatsvinden in het stadhuis en zal worden gedaan door een nader te bepalen onafhankelijke notaris. Van de dag en het tijdstip van de trekking zal in de bekendmaking, als beschreven in paragraaf 6.1, mededeling worden gedaan. Tijdens de trekking zullen alle ontvangen aanvragen worden getrokken uit een gesloten bus of bak. De getrokken aanvragen zullen op volgorde van trekking worden genummerd. Alleen de eerste zeven getrokken aanvragen zullen inhoudelijk worden beoordeeld. Dit gebeurt gelijktijdig, waarbij eerst een beoordeling van de aanvragen plaatsvindt aan de hand van de in paragraaf 6.6 onder a genoemde eis. De aanvragen die voldoen aan de eisen in paragraaf 6.6 onder a worden (na de geboden hersteltermijn) getoetst, overeenkomstig de eis in paragraaf 6.6 onder b, aan de in hoofdstuk 5 van dit coffeeshopbeleid opgenomen criteria en de vestigingscriteria opgenomen in paragraaf 4.5. Tevens vindt ter zake van deze aanvragen een gemeentelijke Bibob-toets plaats, als verwoord in paragraaf 6.6. onder c van dit coffeeshopbeleid. De aanvragen die deze toetsingsronden doorstaan worden tegen elkaar afgewogen aan de hand van de wegingsfactoren, zoals omschreven in paragraaf 6.6 onder d en paragraaf 6.7 van dit coffeeshopbeleid. De aanvraag die op basis van deze wegingsfactoren de hoogste score heeft behaald wordt, indien het gemeentelijk Bibob- onderzoek naar het oordeel van de burgemeester niet overtuigend uitwijst dat geen sprake is van een ernstig gevaar in de zin van artikel 3 van de Wet Bibob - omdat bijvoorbeeld een nadere studie vereist is naar onderzoeksbronnen waarvoor de gemeente niet geautoriseerd is om dit te kunnen vaststellen - vervolgens met de uitkomsten van het gemeentelijk Bibob-onderzoek doorgezonden naar het LBB voor een Bibob-advies, zoals beschreven in paragraaf 6.6 onder e. Indien uit het advies van het LBB niet blijkt van een ernstig gevaar in de zin van artikel 3 van de Wet Bibob, dan zal aan de desbetreffende aanvrager in beginsel de gedoogverklaring en de exploitatievergunning worden verleend. Blijkt uit het Bibob-onderzoek wel van een ernstig gevaar, dan zal de eerstvolgende aanvrager met de dan hoogste score op basis van de wegingsfactoren als bedoeld in paragraaf 6.6 onder d en paragraaf 6.7 van dit coffeeshopbeleid, ten behoeve van een Bibob-onderzoek worden beoordeeld op de hiervoor beschreven wijze. Als het gemeentelijke Bibob-onderzoek wél overtuigend uitwijst dat er geen ernstig gevaar bestaat in de zin van artikel 3 van de Wet Bibob, dan zal op dat moment – zonder nader onderzoek door het LBB – aan de desbetreffende aanvrager in beginsel de gedoogverklaring en de exploitatievergunning worden verleend. Deze procedure herhaalt zich zo nodig, net zo lang totdat een aanvrager voldoet aan alle voorwaarden die in paragraaf 6.6 gesteld worden aan een aanvraag. Kan op basis van deze procedure aan geen van de eerste zeven aanvragers een gedoogverklaring worden verleend, dan worden de volgende zeven bij de loting getrokken aanvragen (nrs. 8 t/m 14) – of zoveel minder dan de aanvragen die zijn ingediend – op de hiervoor beschreven wijze in behandeling genomen. Voordat dat gebeurt worden de eerste zeven aanvragers hiervan schriftelijk in kennis gesteld. Deze procedure herhaalt zich zo nodig, net zolang totdat een gedoogverklaring en exploitatievergunning kan worden verleend.

Rechtspraak bij dit artikel