Naar hoofdinhoud

Artikel 8.1

Hoe gaan we met elkaar om?

Onderdeel van Verordening Sociaal Domein gemeente Oude IJsselstreek 2020

8.1.1 De rol van de gemeente en Buurtzorg Jong [Jeugdwet, Wmo, PW, Gemeentewet, Awb] 1. De gemeente of Buurtzorg Jong (BZJ) zoekt samen met de inwoner naar een oplossing voor zijn hulpvraag. Gemeente/BZJ en inwoner gaan daarbij op een gelijkwaardige manier met elkaar om. De gemeente/BZJ zorgt voor het volgende: a. Voor de inwoner is het duidelijk wie er namens de gemeente/BZJ contact met hem onderhoudt. De gemeente/BZJ houdt het aantal contactpersonen zo beperkt mogelijk. b. De inwoner heeft, om zijn hulpvraag te bespreken, altijd recht op een gesprek bij de gemeente/BZJ of bij de inwoner thuis. c. De gemeente/BZJ helpt de inwoner om zijn hulpvraag bij een andere organisatie te bespreken, als het bieden van hulp bij deze hulpvraag een taak is voor die organisatie. d. De gemeente/BZJ informeert de inwoner op een passende manier over procedures die worden gevolgd en zorgt ervoor dat deze procedures zo eenvoudig mogelijk zijn. e. De gemeente/BZJ respecteert de privacy van de inwoner. f. De gemeente/BZJ maakt zoveel mogelijk gebruik van gegevens die al binnen de gemeente/BZJ aanwezig zijn en vraagt alleen gegevens die nodig zijn voor het beoordelen van de hulpvraag. g. De gemeente/BZJ wijst de inwoner op beschikbare deskundige hulp. 8.1.2 De rol van de inwoner [Jeugdwet, Wmo, PW, Gemeentewet, Awb] 1. De inwoner is in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor het oplossen van zijn hulpvraag. De gemeente vult de mogelijkheden van de inwoner en zijn sociale netwerk aan als dat nodig is. De inwoner zorgt voor het volgende: a. De inwoner zet eerst de eigen mogelijkheden in voordat hij hulp vraagt aan de gemeente/BZJ. b. Als de gemeente/BZJ hulp verleent werkt de inwoner mee aan de oplossing van zijn hulpvraag. c. De inwoner zorgt ervoor dat de hulp van de gemeente/BZJ niet langer duurt dan nodig is. 2. De inwoner werkt mee zodat snel duidelijk is op welke manier zijn hulpvraag zo snel mogelijk kan worden opgelost. Dat betekent het volgende: a. De inwoner informeert de gemeente/BZJ zo snel en zo volledig mogelijk over alles wat van belang is voor het beoordelen van de hulpvraag, de persoonlijke situatie en de rechten en plichten van de inwoner. b. De gemeente/BZJ ontvangt alle documenten en bewijsstukken die zij nodig heeft zo snel mogelijk van de inwoner. c. De inwoner brengt de gemeente/BZJ zo snel mogelijk op de hoogte van zijn beperkingen, als die van belang zijn in het contact met de gemeente/BZJ.

Rechtspraak bij dit artikel