**1..** De aangevraagde voorzieningen waarmee in het jaar volgend op het jaar van vaststelling van het programma een aanvang kan worden gemaakt, komen in aanmerking voor plaatsing op het programma, voor zover het college de noodzaak heeft vastgesteld en geen van de in de wet opgenomen weigeringsgronden van toepassing is. Bij deze vaststelling past het college toe:
de beoordelingscriteria als bedoeld in bijlage I van deze verordening;
de prognosecriteria als bedoeld in bijlage II van deze verordening;
de criteria ten aanzien van oppervlakte van schoolgebouwen als bedoeld in bijlage III van deze verordening;
de criteria ten aanzien van financiële normering als bedoeld in bijlage IV van deze verordening;
**2..** Ten aanzien van de in het programma opgenomen voorzieningen wordt door het college aangegeven:
de reden van opname op het programma;
de hoogte van de bekostiging van de betreffende voorziening;
de urgentie van de betreffende voorziening op basis van de criteria als aangegeven in bijlage V bij deze verordening;
de voorwaarden betreffende ingebruikneming dan wel buitengebruikstelling van gebouwen of lokalen.
**3..** In de beschikking voor de voorziening kan het college nadere of afwijkende eisen aan de verantwoording stellen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.6