5.1. De activiteiten:

  • - zijn aanvullend op overig zorg- en welzijnsaanbod in de wijk;
  • - sluiten aan bij de behoefte uit de wijk, zoals kan blijken uit aantal bezoekers/deelnemers, behoefteonderzoek of door CBS/gemeente beschikbaar gestelde data;
  • - kunnen wijk overstijgend zijn, zoals bijvoorbeeld jongerenwerk;
  • - sluiten aan bij de door de raad vastgestelde beleidsvisie/beleidskader sociaal domein, onderdeel Wmo.

5.2. De subsidieaanvrager werkt in het kader van doelmatigheid zo veel mogelijk samen met andere wijk- en buurtcentra.

5.3. De subsidieaanvrager draagt in activiteiten en/of organisatie zorg voor diversiteit en inclusie.

5.4. De subsidieaanvrager draagt zorg voor balans tussen (para)commerciële en sociaal maatschappelijke activiteiten.