De cliënt wordt in een huiselijke omgeving logeeropvang geboden om de mantelzorger te ontlasten of de cliënt of diens omgeving een time-out te bieden, waarbij toezicht en/of zorg noodzakelijk kunnen zijn. Het verblijf kan worden geboden voor een periode van in beginsel maximaal 3 etmalen per week. Uiteraard kan hier maatwerk geleverd worden door etmalen achtereen toe te kennen, indien dit vanwege langduriger afwezigheid van de mantelzorger noodzakelijk is.
We onderscheiden twee intensiteiten van Kortdurend verblijf, gericht op cliënten met verschillende kenmerken en ondersteuningsbehoefte: basis en plus.
Kortdurend verblijf basis
Tijdens het kortdurend verblijf wordt voorzien in de basale/dagelijkse levensbehoeften van de cliënt en wordt ondersteuning geboden bij de algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL)1Algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL) zijn de handelingen die mensen dagelijks in het gewone leven verrichten. Het begrip wordt vooral in de zorg gebruikt om te bepalen in hoeverre iemand zelfredzaam is. De volgende zelfzorgactiviteiten vallen onder de ADL : eten, inclusief medicijnen innemen, drinken, in en uit bed komen, in stoelen gaan zitten en weer opstaan, bewegen, lopen, ontspanning, zinvolle activiteit (hobby, sport), aan- en uitkleden, praten, gehoor, plassen, ontlasting, lichaamswarmte regelen (bv. kachel hoger/lager kunnen zetten, dunne of dikke kleding uitkiezen), lichamelijke hygiëne en reizen. . Waar gewenst en mogelijk wordt de cliënt vanuit het kortdurend verblijf in de gelegenheid gesteld gebruik te blijven maken van eventuele andere activiteiten en ondersteuning. Cliënt is in staat zelf regie te voeren.
Kortdurend verblijf plus
Het Kortdurend verblijf plus onderscheidt zich van Basis doordat bij Kortdurend verblijf plus ondersteuning en/of toezicht wordt geboden die is gericht op:
verzorging
fysieke ondersteuning ter voorkoming van bijvoorbeeld vallen en/of
het voorkomen van escalatie van eventuele gedragsproblemen
Daarnaast is er sprake van een verminderde regievoering.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.3