Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Schoon en leefbaar huis

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Wmo gemeente Elburg 2018

2.1.1 Schoonmaakondersteuning (HH1) Een schoon en leefbaar huis betekent dat men gebruik moet kunnen maken van de in gebruik zijnde ruimtes in de woning, zoals een schone woonkamer, slaapvertrek, keuken, sanitaire ruimtes en gang/trap. Het huis dient zodanig schoon te zijn dat een basishygiëne is geborgd, waarbij vervuiling van het huis en gezondheidsrisico’s van bewoners worden voorkomen. Indien eigen mogelijkheden, gebruikelijke hulp, mantelzorg of vrijwilligershulp en (indien aanwezig) een algemene voorziening geen of onvoldoende oplossing bieden voor het voeren van een huishouden, kan de gemeente ondersteuning bieden. 2.1.2. Individuele omstandigheden Op grond van individuele omstandigheden komt het college gemotiveerd tot een tijdsindicatie. De individuele omstandigheden zijn de basis voor het besluit. Om tot een besluit te komen gebruikt het college onderstaande tabel Normtijden per jaar ‘Schoon en leefbaar huis’ als richtlijn. Daarin staan de noodzakelijke activiteiten met bijbehorende tijden voor het realiseren van een schoon en leefbaar huis. De individuele omstandigheden bieden de basis voor het besluit, niet de normtijden. De normtijden zijn alleen een richtlijn. In onderstaande tabel Normtijden per jaar ‘Schoon en leefbaar huis’ staan de noodzakelijke activiteiten weergegeven als richtlijn om tot een gemotiveerde tijdsindicatie te komen die past bij de persoonlijke situatie. Redenen voor aanpassingen van de normtijden zijn o.a.: •. het aantal ruimtes dat in gebruik is; •. mate van beperkingen in relatie tot de schoonmaakwerkzaamheden; •. de mate waarin de inwoner in staat is nog zelf werkzaamheden in de huishouding uit te voeren; •. de mate waarin hulp vanuit het sociale netwerk mogelijk is. Indien noodzakelijk vindt uitbreiding van de maatwerkvoorziening plaats met: a.. bereiden broodmaaltijden (zie tabel); b.. bereiden warme maaltijden (zie tabel); c.. collectieve was en strijkservice of; Ruimte Normtijd in uren per jaar Woonkamer 23,8 Slaapkamer 15,0 Keuken 22,6 Sanitair 16,0 Hal 8,6 Netto 86 Indirecte tijd 19 Totaal 105 Aanvullende activiteiten Noodzakelijk extra in gebruik zijnde ruimtes (bijv. extra slaapkamer, trap/overloop) Zie boven Broodmaaltijden bereiden 15 minuten per dag als richtlijn, max 1 x per dag Warme maaltijden bereiden 30 minuten per dag als richtlijn, max 3 x per week Collectieve was en strijkservice of 1 keer per week Aanvullende was- en strijkactiviteiten als collectieve voorziening onvoldoende blijkt. 30 minuten per keer Tabel normtijden per jaar “schoon en leefbaar huis” Het bepalen van de uren per jaar verloopt in drie stappen: a.. Tijdens het gesprek vaststellen welke individuele omstandigheden invloed hebben op de tijdsindicatie om tot een schoon en leefbaar huis te komen. b.. Beoordelen of 105 uren per jaar in het concrete geval voldoende is om een ‘schoon en leefbaar huis’ te realiseren; c.. Vaststellen of de individuele omstandigheden een aanpassing van het aantal uren bij b. rechtvaardigen; Zie Aanvullende activiteiten in de tabel en/of mate van beperkingen in relatie tot de schoonmaakwerkzaamheden; d.. Vaststellen of aanvullende voorzieningen noodzakelijk zijn om de zelfredzaamheid van de inwoner te ondersteunen dan wel te verbeteren (HH2/HH3) + de benodigde tijd. 2.1.3 Huishoudelijke begeleiding (HH2) Huishoudelijke begeleiding houdt alle genoemde huishoudelijke werkzaamheden in, zoals weergegeven in de urentabel, zo nodig aangevuld met het (her)structureren van het dagelijks leven, instructie, advies en voorlichting, gericht op het huishouden. 2.1.4 Huishoudelijke begeleiding gericht op ontregelde huishouding (HH3) Huishoudelijke begeleiding gericht op een ontregeld huishouden zijn alle genoemde huishoudelijke werkzaamheden onder HH1 en HH2, aangevuld met psychosociale begeleiding: gericht op het ontregelde huishouden. 2.1.5 Uitzonderingen a.. In situaties met jonge kinderen zetten we zo nodig meer uren in om ervoor te zorgen dat kinderen in de thuissituatie de maaltijden krijgen, verzorgd worden en de woning schoon en leefbaar is. Uit het onderzoek blijkt of er een HH1, HH2, HH3 of juist een combinatie ingezet wordt. Helder is in ieder geval dat het CJG betrokken wordt bij de situatie en er een afgestemd plan opgesteld wordt met het netwerk; b.. Een enkele keer krijgen mensen vanuit de Zvw verpleging of verzorging, maar hebben zij ook hulp nodig bij het bereiden van maaltijden, maar is er geen Huishoudelijke hulp vanuit de Wmo nodig. Om dit ‘gat’ in regelgeving op te vangen geeft de gemeente onder de Wmo Begeleiding individueel ADL af aan de aanbieder verpleging/verzorging, waardoor de inwoner niet te maken krijgt met een extra hulp voor de maaltijden, maar dat de verzorgster/verpleegkundige dat kan doen.

Rechtspraak bij dit artikel