Naar hoofdinhoud
1). Voor een vrachtauto kan een ontheffing worden aangevraagd door een onderneming die beschouwd kan worden als hoofdgebruiker, indien wordt aangetoond dat bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken. 2). Er is sprake van bijzondere omstandigheden als: er geen alternatieven zijn, én de kenmerken en/of de opbouw van de vrachtauto zijn zodanig dat de investeringssom buitenproportioneel is in verhouding tot het doel van de milieuzone, of b) niet van toepassing is, maar de continuïteit van de onderneming wordt bedreigd, gelet op alle omstandigheden van het geval. 3). Een ontheffing op basis van het tweede lid, onder c, kan maximaal drie keer worden verleend voor telkens maximaal één jaar. 4). Vrachtwagens (aanschaf, lease, huur) van ondernemingen die zich na 12 juni 2014 in het gebied van de milieuzone 2009 hebben gevestigd, komen niet in aanmerking voor een ontheffing. 5). Vrachtwagens (aanschaf, lease, huur) van ondernemingen die zich na een maand of later na publicatie van dit ontheffingenbeleid in de uitbreidingsgebieden vestigen, komen niet in aanmerking voor een ontheffing. 6). Vrachtwagens met een datum tenaamstelling na 12 juni 2014 van ondernemingen gevestigd in het gebied van de milieuzone 2009 komen niet in aanmerking voor een ontheffing. 7). Aanvragen van ondernemingen die een maand na publicatiedatum van dit ontheffingenbeleid hun werkzaamheden in Amsterdam zijn begonnen met een vrachtauto worden afgewezen.

Rechtspraak bij dit artikel