** 1. .** Voor een autobus die wordt ingezet voor besloten busvervoer met emissieklasse 4 of hoger kan een ontheffing worden aangevraagd door een onderneming die beschouwd kan worden als hoofdgebruiker, indien wordt aangetoond dat bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken.
** 2. .** Er is sprake van bijzondere omstandigheden als:
er geen alternatieven zijn, én
de investeringssom thans buitenproportioneel is in verhouding tot het doel van de milieuzone, of
b) niet van toepassing is, maar de continuïteit van de onderneming wordt bedreigd, gelet op alle omstandigheden van het geval.
** 3. .** Een ontheffing op basis van het tweede lid, onder c, kan maximaal drie keer worden verleend voor telkens maximaal één jaar.
** 4. .** Bij iedere aanvraag op grond van dit artikel moet worden aangetoond dat sprake is van omstandigheden als bedoeld in het tweede lid.
** 5. .** Autobussen (aanschaf, lease, huur) van ondernemingen die zich na 8 december 2020 in het gebied van de milieuzone hebben gevestigd, komen niet in aanmerking voor een ontheffing.
** 6. .** Autobussen met een datum tenaamstelling na 8 december 2020 van ondernemingen gevestigd in het gebied van de milieuzone komen niet in aanmerking voor een ontheffing.
** 7. .** Aanvragen van ondernemingen die een maand na publicatiedatum van dit ontheffingenbeleid hun werkzaamheden in Amsterdam zijn begonnen met een autobus worden in ieder geval afgewezen.
Hoofdstuk
Artikel 11a -